maandag 6 augustus 2012

Onvoldoende toezicht op incassobranche - Keurmerk NVI verkooppraatje voor opdrachtgevers

Persbericht LOSR-MOGroep: 

Zelfregulering incasso-branche faalt 

De Landelijke Organisatie Sociaal Raadslieden (LOSR/MOgroep) is blij met de uitspraak van het College van Beroep van de Reclame Code Commissie: het incassokeurmerk van de Nederlandse Vereniging voor Incasso-ondernemingen (NVI) voldoet niet als ‘glasharde kwaliteitsgarantie’. De LOSR is al langer van oordeel dat het toezicht op de incassobranche niet in handen van de NVI kan worden gelaten. Er is wetgeving nodig om onafhankelijk toezicht te realiseren. De LOSR/MOgroep pleit ervoor om de onafhankelijke consumentenautoriteit bevoegd te maken. Gegronde klacht De burger die op basis van negatieve ervaringen met incassobureaus een klacht over de NVI had ingediend bij de Reclame Code Commissie kreeg onlangs gelijk in hoger beroep. Het College van Beroep baseerde zich daarbij onder meer op stukken van de 

De Nederlandse Vereniging voor Incasso-ondernemingen (NVI) - 70 à 80% van de incassomarkt –gaat prat op haar incassokeurmerk. Dat keurmerk zou garanderen dat de aangesloten incassobureaus incassoactiviteiten correct en zorgvuldig uitvoeren. Volgens de folder van de NVI geeft het Keurmerk die garantie, glashard. Een burger had een klacht ingediend tegen de ‘glasharde garantie door het NVI’, op basis van eigen slechte ervaringen met incassobureaus die wel dit keurmerk dragen.


Het College van Beroep gaf hem als volgt gelijk: ‘Het College is van oordeel dat de NVI op zichzelf genomen voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het Incasso Keurmerk bepaalde waarborgen biedt met betrekking tot de van NVI-leden te verwachten dienstverlening, en aldus voordelen heeft voor (potentiële) opdrachtgevers van NVI-leden.’ De vraag is of deze waarborgen zo ver strekken dat zij de mededeling kunnen rechtvaardigen dat sprake is van een ‘glasharde garantie met betrekking tot het op correcte wijze uitvoeren van diensten door NVI-leden. In dit verband is van belang dat de NVI heeft erkend dat het onvermijdelijk is dat ‘in individuele gevallen wel eens iets mis gaat’. ‘Mede gelet hierop kan naar het oordeel van het College niet worden aangenomen dat het Keur-merkinstituut een dusdanig effectief toezicht uitoefent op NVI-leden dat deze leden hun incasso-activiteiten altijd correct en zorgvuldig uitvoeren. Appellant heeft bovendien gemotiveerd gesteld dat bij een NVI-lid dat handelde in strijd met het Incasso Keurmerk, geen effectieve naleving van het keurmerk is afgedwongen. Voorts is van belang dat in de brief van het LOSR aan de Minister van Veiligheid & Justitie onder meer staat dat (sommige) NVI-leden incassokosten dubbel in rekening brengen. Dat deze brief zou zijn geschreven in de context van een lobby is onvoldoende om deze buiten beschouwing te laten, nu niet is gebleken dat het verwijt met betrekking tot het dubbel berekenen feitelijke grondslag mist.’

Het College van Beroep stelt dus dat het keurmerk van het NVI niet garandeert dat aangesloten incassobureaus die dit keurmerk voeren daadwerkelijk werken volgens de gewenste norm. Het College erkent in zijn uitspraak de argumentatie in stukken van de Landelijke Organisatie Sociaal Raadslieden (LOSR/MOgroep) als gezaghebbend. De LOSR wijst er al langer op dat de kwaliteit van incassobureaus, ondanks het incassokeurmerk, veel te wensen over laat. Verborgen en dubbele incassokosten berekend door NVI-leden, betreft één van de ergernissen uit de LOSR Incasso ergernissen Top 10">