zondag 31 januari 2010

Schrijven om te overleven: "unloading hell"

"My definite approach to mental maturity began with my contact with the mind of Rivers" en "Much as he disliked speeding me back to the trenches, he realized that it was my only way out. And the longer I live, the more right I know him to have been"(9) . Sassoon vraagt om herbeoordeling door de Medical Board en keert terug naar het westelijk front in mei 1918 waar de Duitse suprematie inmiddels zorgwekkend is en het wachten is op het effect van de gevechtsactiviteiten van de schoorvoetend geallieerde Verenigde Staten van Amerika. In juli 1918 raakt hij aan zijn hoofd gewond en hij keert terug naar Engeland. Ten tijde van de wapenstilstand op 11 november 1918 op de leeftijd van 32 jaar was hij "uitgeput en beverig, geteisterd door slapeloosheid en overwerkt, ongeschikt voor literaire arbeid". Het duurde acht jaar voordat hij zich voldoende had hernomen om zijn lichtelijk geromantiseerde memoires te schrijven: "The Memoirs of George Sherston".

De schrijvende verwerking van oorlogservaringen heeft Sassoon voldoende fundament gegeven voor een heel leven gewijd aan de letteren, waarbij wellicht voor hem heel bijzonder geldt de allerlaatste regel van de slotpassage uit zijn gedicht "The Rearguard. Hindenburg Line april 1917". Dit gedicht gaat over een soldaat die vecht onder de grond en in tunnels kan stuiten op al dan niet bemande kruisende tunnels van Duitser, welke ontmoetingen doorgaans met de uitwisseling van enige granaten gepaard gingen; in het bedompte donker passeert de soldaat bovendien lijken in wisselende staat van ontbinding ("whose eyes yet wore agony dying ten days before"). Na alle afgrijzen en angst ziet hij aan het einde van de expeditie waarin de dood in een klein hoekje lag, weer licht. Vanuit de tunnels komt hij bovengronds, terug in het licht, terug in de open lucht, terug in het leven:

"At last with sweat of horror in his hair
He climbed through darkness to the twilight air
Unloading hell behind him step by step".

Uit: "These are men whose minds the Dead have ravished"

woensdag 27 januari 2010

100ste volgeling op Twitter

Zojuist heeft het Nationaal Historische Museum zich gemeld mijn 100ste follower op twitter. Een mooie gedachte dat zo ook het zwartboek R.K. Kerkprovincie kan worden opgeslagen als onderdeel van het nationaal historische patrimonium: "O Tempora, o mores".

Laat ik trouwens niet vergeten dat al geruime tijd geleden het "Geldmuseum" zich als follower heeft gemeld en dat ik alle 100 followers dankbaar voor hun belangstelling.

Over het Geldmuseum zal ik nog een bijdrage schrijven naar aanleiding van het bezoek dat ik samen met Nadja Jungmann recent heb gebracht aan de expositie "Crisis in beeld".

Wetsontwerp kwaliteitseisen professionele curatoren, bewindvoerder en mentoren

"Minister Hirsch Ballin van Justitie gaat wettelijk voorschrijven aan welke kwaliteitseisen professionele bewindvoerders, mentoren en curatoren moeten voldoen om voor benoeming in aanmerking te komen. Zij nemen beslissingen op het financiële en persoonlijke vlak voor mensen die niet (helemaal) meer voor zichzelf kunnen zorgen.

Dit blijkt uit een wetsvoorstel dat vandaag voor advies naar verschillende instanties is gestuurd. Tevens vindt over het wetsvoorstel een internetconsultatie plaats. Belangstellenden kunnen tot 1 april 2010 reageren via de website www.internetconsultatie.nl/curatele_bewind_mentorschap .

Curatele, bewind en mentorschap zijn maatregelen die vooral bedoeld zijn als bescherming tegen misbruik door anderen. De taken van een curator gaan het verst. Is iemand onder curatele gesteld dan verliest die persoon zijn handelingsbekwaamheid. Voor praktisch elke handeling en beslissing moet de curator toestemming geven. Bij mentorschap en bewind is betrokkene wel handelingsbekwaam. De bewindvoerder beslist over geld en goederen, terwijl de mentor besluiten neemt over verzorging, verpleging, behandeling en begeleiding.

Op dit moment kan nog iedere meerderjarige tot bewindvoerder, curator of mentor door de kantonrechter worden benoemd tenzij er gegronde redenen zijn om daar vanaf te zien. Meestal neemt een familielid deze taak op zich, maar dat kan ook een professionele bewindvoerder zijn. Bijvoorbeeld een stichting of een natuurlijk persoon.

Directe aanleiding voor de maatregel vormt het eigenmachtige beleid van een stichting die het beschermingsbewind verzorgde en aan wie het beheer van geld en goederen van enkele tientallen rechthebbenden was toevertrouwd. Een faillissement volgde waardoor velen werden benadeeld.

Door kwaliteitseisen als waarborg in de wet op te nemen, wil de minister misstanden zoveel mogelijk voorkomen. Ook wordt scherper gelet op de bedrijfseconomische gang van zaken bij professionele bewindvoerders, mentoren en curatoren. Dit betekent dat de bedrijfsvoering en de werving, scholing en begeleiding van het personeel worden gecontroleerd. Een accountant moet ieder jaar verklaren dat aan de kwaliteitseisen wordt voldaan. De taak van de kantonrechter bij het toezicht verandert niet maar wordt door de aanvullende controle op de bedrijfsprocessen duidelijker. Hij geeft bijvoorbeeld machtigingen af voor uitgaven ten laste van de rechthebbende en gaat na of ze door de bewindvoerder verantwoord zijn gedaan.

Straks kunnen ook rechtspersonen voor benoeming tot mentor en curator in aanmerking komen. In de praktijk is daar behoefte aan. Rechtspersonen, zoals een stichting of een vereniging, kunnen makkelijker de voortgang van de werkzaamheden garanderen omdat de taakuitoefening van een mentor of curator niet meer afhankelijk is van één bepaalde (natuurlijke) persoon.

Verder regelt het wetsvoorstel dat twee curatoren kunnen optreden voor degene die onder curatele staat. Dit was al mogelijk op grond van een uitspraak van de Hoge Raad in 2000, maar wordt nu expliciet in de wet opgenomen. Zo kunnen bijvoorbeeld ouders die na hun scheiding het ouderlijk gezag zijn blijven uitoefenen en ook na de meerderjarigheid van hun kind verantwoordelijkheid willen blijven dragen. Evenals bij curatoren kunnen twee mentoren worden benoemd.

Daarnaast komt er een ministeriële regeling voor de beloning van bewindvoerders, curatoren en mentoren die ervoor moet zorgen dat landelijk een uniform beloningsbeleid geldt.

Nieuw is ook dat de kantonrechter het bewind kan opheffen als indien de noodzaak daartoe niet meer bestaat of de voorzetting ervan niet zinvol is. Zoals bij een rechthebbende die maar nieuwe schulden blijft maken en zich van de bewindvoerder niets aantrekt. Nu kan opheffing van het bewind alleen als de oorzaken die tot de maatregel aanleiding hebben gegeven niet meer bestaan.

Ook wordt expliciet in de wet opgenomen dat een bewindvoerder voortaan ‘alle handelingen kan verrichten die aan een goed bewind bijdragen.’ Daarmee wordt de in de praktijk bestaande ruime taakopvatting van de bewindvoerder beter tot uitdrukking gebracht. Bovendien geeft het aan dat van de bewindvoerder een pro-actieve houding wordt verwacht. Hij moet bijvoorbeeld nagaan op welke voorziening aanspraak kan worden gemaakt en tijdig de nodige aanvragen indienen. Bijvoorbeeld de aanvraag van een PGB (persoonsgebondenbudget) of van een identiteitsbewijs.

Ten slotte krijgt de rechter de bevoegdheid om de beschikking waarbij het bewind werd ingesteld openbaar te maken door opname in een register. Overigens geldt dat ook voor eventuele benoeming van de bewindvoerder, schorsing of ontslag. Daartoe zal het bestaande curateleregister worden uitgebreid en een andere naam krijgen. Het is op internet te raadplegen en voor iedereen toegankelijk".

Vindplaats: website Ministerie van Justitie

maandag 25 januari 2010

Meer betalingsachterstanden op krediet in Belgie

De Standaard meldt dat uit het haar verslag van de Kredietcentrale blijkt dat het totaal achterstallige kredietbedrag het afgelopen jaar is gestegen met bijna 300 miljoen euro en eind 2009 bijna EURO 2,16 miljard bedroeg.

Het aantal Belgen net betalingsachterstand steeg met 3,6 procent tot 356.611 personen. Er waren 128.803 nieuwe betalingsachterstanden opgetekend, zijnde een stijging met 8,4 procent.

Memorie van Toelichting wetsontwerp zorgplicht

Kan een van de lezers mij al helpen aan de Memorie van Toelichting? Noch op de website van SZW noch op die van de Tweede Kamer heb ik die kunnen vinden. Hartelijk dank!

zondag 24 januari 2010

Niet vrolijk van Adagio

Deurwaardersketen Groenewegen en Parters heeft een nieuw product ontwikkeld genaamd Adagio dat als volgt wordt omschreven:

"Adago biedt een unieke aanpak op het gebied van de voorkoming en bestrijding van betalingsachterstanden. Het voorziet in een praktische, klantgerichte aanpak waarbij de huurder onder begeleiding van een 'Budget Consulent' leert eigen verantwoordelijkheid te nemen en weer grip op de situatie krijgt. Daar waar het ontbreekt aan een effectieve financiële administratie, wordt gewerkt aan het op orde brengen van de administratie. De huurachterstand wordt teruggebracht en woningontruiming wordt voorkomen".

Dit lijkt een variant van de budgetcoach van de DSB waar ook werd gesuggereerd dat een crediteur aan schuldhulpverlening deed en ondertussen de volledige draagkracht naar zich toe trok. Later bleek dat de budgetcoach van DSB een als empathische schuldhulpverlener vermomde aasgier was die er op uit was debiteuren een akte van looncessie te laten tekenen, liefst voor een hoger bedrag per maand dan de draagkracht toeliet.

Interim Justitia had in december 2007 ook een verlicht idee van dit type en kondigde aan jongeren met schulden te gaan helpen als bij-product van incasso. Ik schreef daarover mijn artikel "Preekt de vos de passie?", waaruit ik citeer:  "Mij benieuwt, wat er gebeurt, wanneer een jongere andere schulden heeft dan die ter incasso aan Intrum Justitia in handen zijn gesteld. Wordt er dan een draagkrachtverdeling gemaakt teneinde ieder het zijne te geven met toepassing van de paritas creditorum? Wordt de jongere verwezen naar reguliere schuldhulpverlening en schort Intrum Justitia in de tussentijd haar incasso-activiteiten op of geldt dan toch het aloude crediteurendevies: pakken wat je pakken kan en teruggeven kan altijd nog.

Er wordt in Nederland veel tijd en energie besteed om te komen tot certificering van schuldhulpverlening. Dat schuldhulpverlening verleend door of namens een schuldeiser binnen dat kader past, vraag ik mij af. Als schuldhulpverlening door een crediteur niet te certificeren is, is het dan verstandig dat een crediteur doet alsof dat wel zo is, waardoor debiteuren op het verkeerde been worden gezet? De vraag stellen is haar beantwoorden, dunkt mij. Misschien niet onmiddellijk reden voor een spoeddebat maar wel voor kamervragen?"
 
Dat gold toen, dat gold nu. In mijn visie dienen daarom relevante koepels als KBvG, NVVK. VNG, Divosa en Aedes zich tegen deze verwerpelijke praktijk van schuldhulpverlening door crediteuren uit te spreken en dient het wettelijk te worden verboden dat een per definitie partijdige crediteur pretendeert schuld- en budgethulp te verlenen aan de debiteur. Debiteuren worden op die manier misleid en het evenwicht tussen schuldeisers wordt verstoord.

Leden van de Linkedin Groep worden van harte uitgenodigd hierover hun licht te laten schijnen.

zaterdag 23 januari 2010

Reactie GKB-Drenthe op kamervragen Karabulut

De GKB Drenthe laat in antwoord op  vraag 9 van SP-Kamerlid Karabulut zojuist het volgende weten.

Vraag 9: 9 Hoeveel schuldhulpverleningsbureaus in Nederland vragen - net als Stichting Mozaïek en de GKB in Assen - geld voor hun diensten als schuldhulpverlener?

Reactie GKB-Drenthe:
In vraag 9 stelt mevrouw Karabulut, dat de GKB Assen net als Mozaïek geld vraagt voor de schuldhulpverlening. Dat is onwaar. Wij worden al 20 jaar netjes en ruimhartig gefinancierd door 21 gemeenten in Noord Nederland. Wij hebben mevrouw Karabulut inmiddels een mail gezonden om dit recht te zetten. Ook hebben wij haar naar haar bronnen gevraagd.

Naar aanleiding van deze bijdrage is op twitter de vraag opgeworpen of de GKB Drenthe dan ook geen percentage inhoudt op de aflossingscapaciteit en een bijdrage vraagt voor beheer?

vrijdag 22 januari 2010

Wetsontwerp zorgplicht bekend!

Persbericht SZW 21 januari 2010
Meer duidelijkheid en snellere hulp bij aanpak schulden
Nr. 10/6

Wie in de schulden zit en voor hulp aanklopt bij de gemeente moet binnen vier weken duidelijkheid krijgen over wat er gaat gebeuren. Bij een positief besluit moet de hulp niet gericht zijn op de schulden alleen, maar ook op de omstandigheden waaronder ze konden ontstaan. Dat is de strekking van een wetsvoorstel van staatssecretaris Klijnsma van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dat is aangeboden aan de Tweede Kamer.

“Met deze wet moeten mensen met schulden beter door gemeenten geholpen kunnen worden”, stelt Jetta Klijnsma in een toelichting. “Belangrijk is dat schuldenaren die hulp zoeken snel een goed beeld krijgen van wat ze van hun gemeente kunnen verwachten”.

Niet alleen moet de nieuwe wet ervoor zorgen dat de gemeentelijke schuldhulpverlening goed toegankelijk is; ook moet snel inzichtelijk worden wanneer welke stappen worden gezet. De wet stelt ook eisen aan de schuldenaar. Klijnsma: “Die heeft de verantwoordelijkheid om op een goede manier aan het programma mee te werken”.

De plannen voor een integrale aanpak van de schuldhulp worden met de invoering van de wet door de gemeenten voor een periode van maximaal vier jaar opgesteld. Vervolgens moet het college van burgemeester en wethouders jaarlijks verantwoording afleggen in de gemeenteraad over de uitvoering van de schuldhulpverlening in de gemeente. “Op die manier krijgt de schuldhulp voortaan een vaste plek op de lokale politieke agenda”, constateert de staatssecretaris. Ook moet de wet een einde maken aan te lange wachttijden die nu nog in veel gemeenten bestaan voor het in behandeling nemen van schuldhulpvragen.

Zie vindplaats met als bijlage wetsontwerp, met advies en nader rapport n.a.v. advies Raad van State.

Kamervragen Karabulut schuldhulpverlening

Mevrouw S. Karabulut heeft naar aanleiding van het tv-programma Knelpunt een groot aantal vragen gesteld
aan de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de ministers van Justitie en van Financiën over wantoestanden in de schuldhulpverlening. (Ingezonden 21 januari 2010)

1 Wat is uw reactie op de uitzending “Knelpunt” van Omroep Max over wantoestanden in de schuldhulpverlening? 1)
2 Hoe beoordeelt u de situatie van ‘Wilfred’ die is opgelicht door zijn bewindvoerder Stichting Mozaïek te Helmond? Wat gaat u doen om een einde te maken aan deze oplichterij door deze en andere bewindvoerders? Is Stichting Mozaïek aangesloten bij de branchevereniging bewindvoerders? Zo ja, hoe beoordeelt u de controle door de branchevereniging? 2) 10)
3 Erkent u dat door lange wachtlijsten bij de schuldhulpverlening mensen eerder prooi worden van malafide bureaus, zoals met Wilfred uit de gemeente Helmond is gebeurd? Zo ja, wat gaat u doen om de wachttijd voor schuldhulpverlening in de gemeente Helmond terug te brengen van vijf maanden naar maximaal vier weken en in spoedgevallen, nul weken? Zo nee, waarom niet? 3)
4 Gaat u alle beschikbare budgetten voor schuldhulpverlening oormerken, zodat gemeenten dit budget daadwerkelijk aanwenden voor schuldhulpverlening en de wachtlijsten weggewerkt kunnen worden? Zo nee, waarom niet?
5 Bent u bekend met de problematiek van WWB-gerechtigden met een koophuis die door de strenge bijstandsregels dieper in de schulden geraken? Zo ja, wat wilt en kunt u hieraan doen? 9)
6  Wat is uw oordeel over de gemeente Beverwijk die meneer Zijlstra heeft geweigerd omdat het schuldbedrag te laag was? Is dat geoorloofd? Zo ja, waarom? Zo nee, welke stappen gaat u ondernemen tegen de gemeente Beverwijk? 4)
7 De heer Zijlstra wil graag alsnog hulp van de gemeente Beverwijk bij het oplossen van zijn schulden, gaat u daarvoor zorgen? 4)
8 Is het waar dat er een beslagverbod geldt voor het kindgebondenbudget? Zo ja, hoe is het mogelijk dat (gemeentelijke) schuldhulpverleningsbureaus beslag leggen op het kindgebondenbudget? 5) 10)
9 Hoeveel schuldhulpverleningsbureaus in Nederland vragen - net als Stichting Mozaïek en de GKB in Assen - geld voor hun diensten als schuldhulpverlener? Kunt u de Kamer hiervan een overzicht verstrekken? Zo nee, bent u bereid dit te onderzoeken? Deelt u de mening dat deze gang van zaken in strijd is met artikelen 47 en 48 van de Wet op het consumentenkrediet? Zo ja, welke consequenties verbindt u hieraan? Zo nee, waarom niet? 6)
10 Hoe garandeert u – zoals u in de uitzending van omroep Max heeft gezegd – dat ‘malafide bureaus niet worden ingehuurd door gemeenten’? Kunt u dat toelichten? 3) 11)
11 Bent u bereid om – zoals u in de uitzending van omroep Max heeft gezegd – paal en perk te stellen aan malafide schuldhulpverleningsbureaus? Bent u bereid in te grijpen door regels en toezicht in te stellen? Zo ja, hoe en wanneer gaat u dit regelen? Zo nee, hoe wilt u dan voorkomen dat malafide schuldhulpverleningsbureaus geld verdienen aan andermans ellende?
12 Erkent u dat certificering van de schuldhulpverleningsbureaus door de branche is mislukt? Zo nee, waaruit blijkt dit? Zo ja, gaat u nu zelf certificering of kwaliteitseisen invoeren en hierop toezien?
13 Is het waar dat 35 dossiers van malafide schuldhulpverleners (aangeleverd door de NVVK 8)) nog niet door de FIOD/ECD zijn afgehandeld? Hebben deze dossiers wel prioriteit? Zo ja, wat is de status van deze dossiers? Zo nee, waarom niet? Bent u bereid deze alsnog met prioriteit af te handelen en de Kamer hierover te informeren?
14 Geeft de FIOD/ECD in zijn algemeenheid voldoende prioriteit aan de aanpak van malafide schuldhulpverleners, gezien het leed dat zij veroorzaken bij mensen die toch al in een moeilijke situatie verkeren? Zo ja, waaruit blijkt dit dan? Zo nee, hoe gaat u ervoor zorgen dat dit wel gebeurt?
15 Bent u bereid om een zwarte lijst van malafide schuldhulpverleners op te stellen? Waarom wel of niet?
16 Wilt u inhoudelijk reageren op alle bijgaande praktijkvoorbeelden en e-mails over wantoestanden in de schuldhulpverlening? Zo nee, waarom niet?
17. Kan de staatssecretaris zich voorstellen dat mensen door wantoestanden in de (gemeentelijke) schulpverlening, in grote nood raken, het vertrouwen in de overheid verliezen en cynisch kunnen worden? Zo ja, wat vindt u daarvan? Zo nee, wat stelt u zich wel voor? 7)
18 Order verwijzing naar de belofte van de staatssecretaris in het algemeen overleg van 2 april 2009 om naar de achtergrondinformatie van praktijksituaties van Eneco te kijken, waar zich het probleem voordeed van mensen die met nieuwe betalingsachterstanden aanklopten bij energiebedrijf Eneco, maar Eneco een verzoek tot heraansluiting tien jaar weigert, zelfs wanneer deze mensen bereid zijn tot een schuldenregeling (de desbetreffende gegevens zijn reeds verstrekt), kunt u de Kamer informeren over de uitkomsten hiervan

Noten:
1) Omroep Max, 15 januari 2010: “Knelpunt”
2) Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2008-2009, nr. 1182, vraag 4
3) E-mail over aankloppen bij malafide bewindvoerder vanwege niet geholpen bij gemeentelijke schuldhulpverlening, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
4) Brief van dhr. Zijlstra, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
5) E-mail over beslaglegging op kindgebonden budget, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
6) E-mail over betalen voor schuldhulpverlening, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
7) E-mail over vertrouwen in overheid en instanties, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
8) NVVK: Nederlandse Vereniging van Volkskrediet
9) E-mail over bijstand en koophuis, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
10) Klacht over Mozaïek, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
11) Klacht over doorverwijzing door gemeentelijke schuldhulpverlening, onderhands aan bewindspersoon verstrekt
12) Kamerstuk 24 525, nr. 149

donderdag 21 januari 2010

Interview staatssecretaris Klijnsma in Telegraaf: wetsvoorstel zorgplicht gaat deze week naar de Kamer

Zojuist publiceert de Telegraaf een interview met staassecretaris Klijnsma met de kop "Armoede slaat nog hard toe".

Het interview is zeer interessant:
- het wetsvoorstel zorgplicht wordt deze week aan de Tweede Kamer aangeboden;
- 1,5 miljoen Nederlanders loopt in die visie van de staatssecretaris het risico in armoede terecht te komen met name de lagere inkomens en degenen die werkloos worden, waarbij niet zelden sprake is van een zeer sterke inkomensdaling.

De staatssecretaris merkt verder op:
"Klijnsma hoopt daarom dat gemeenten, met rijksgeld, de komende tijd nog meer doen om armoede te voorkomen. Ook kerken en vrijwilligersorganisaties hebben inmiddels hun handen vol aan de hulp voor minima. De staatssecretaris vreest dat als na de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart meer rechtse partijen in lokale colleges komen, die fors zouden kunnen gaan bezuinigen op schuldhulp en armoedebestrijding. "Dat kun je verwachten", zegt de PvdA-staatssecretaris. "Dan wordt hulp van vrijwilligersorganisaties, kerken en het Leger des Heils heel wezenlijk."

Misschien mag ik deelnemers aan de Linkedin Groep voorstellen hierover hun licht te laten schijnen?

Alles wordt minder

Dankzij Martijn Schut denk ik er aan U te wijzen op de jongste berichtgeving van  het NIBUD, waaruit blijkt dat niet alleen in 2009 maar ook in 2010 in alle inkomensgroepen sprake zal zijn van koopkrachtverlies.

Dit werkt door in de schuldhulpverlening; een wankel evenwicht wordt eerder verstoord, waardoor een schuldsituatie problematisch kan worden, en bij schuldregeling van de problematische schuldsituate is minder beschikbaar in de boedel.

BudgetAlert gaat door

'De Hengelose schuldhulpverlening BudgetAlert heeft bestaansrecht en krijgt een definitief vervolg. Dat heeft het gemeentebestuur van Hengelo bepaald.

De schuldhulpverlening is twee jaar geleden bij wijze van proef gestart door zorginstelling Carint en de Sociale Dienst. In de eerste negen maanden van vorig jaar hebben zich duizend mensen gemeld voor de schuldhulpverlening en zijn nog eens bijna zeshonderd mensen actief benaderd voor hulp. Dat is volgens de gemeente Hengelo een stijging van 75 procent, veel hoger dan de landelijke toename. Vanwege het succes van de samenwerking van de gemeente en een private instelling overweegt wethouder Otten om de samenwerking uit te breiden met organisaties als Tactus verslavingszorg, Mediant en het ROC"."
 
Zie RTV Oost

woensdag 20 januari 2010

Vrijwilligersproject Thuisadministratie Humanitas

De Weekkrant Zoetermeer heeft een interview met medewerkers van Humanitas die het vrijwilligers project Thuisadministratie runnen. Dit project heb ik altijd een goed voorbeeld gevonden van mogelijke inbreng van vrijwilligers in het kader van schuldhulpverlening met behoud van professionele kwaliteit noodzakelijk voor schuldregeling. Juist het periodiek contact met en de bemoediging door een vrijwilliger kan maken dat een debiteur erin slaagt orde op zaken te brengen en te houden in de huishoudfinancien.

Zie link

Reactie van Paul Rispens op bijdrage over financiering schuldhulp

"Ik pleit voor financiering van de schuldhulp door schuldenaar en schuldeisers, waarbij de kosten voor hulp uit de afloscapaciteit wordt betaald. Daarmee ligt de financiering van de oplossing bij de veroorzakers van de problemen. Tevens is daarmee de financiering van het minnelijk traject gelijk aan die van het wettelijk traject".

Mini symposium zorgelijke schulden PvdA Utrecht

Op 2 februari aanstaande houdt de PvdA Utrecht een mini-symposium met de titel "Zorgelijke schulden".

Het doel van de bijeenkomst is "input te verzamelen over hoe in Utrecht op een effectieve manier invulling kan worden gegeven aan de wettelijke zorgplicht".

Deelnemers zijn Hans Spekman, (Tweede Kamerlid PvdA), Nadja Jungmann (Hiemstra & de Vries), Elske ter Veldt (oud-staatssecretaris Sociale Zaken), en Marka Spit (wethouder Sociale Zaken Utrecht).

Meer informatie zie deze link.

Evaluatie schuldhulpverlening HBEL-gemeenten: hoe lang is shv in huidige vorm te financieren?

De gemeenten Huizen, Blaricum, Eemnes en Laren (HBEL-gemeenten) hebben een evaluatie schuldhulpverlening 2009 bekend gemaakt.

"Het beroep op schuldhulpverlening in de HBEL-gemeenten is sterk toegenomen in 2009. Het aantal hulpaanvragen is bijna verdubbeld. Vooral in het laatste kwartaal van het jaar steeg het aantal aanvragen. In 2008 werden ongeveer 60 zaken in behandeling genomen, in 2009 ruim 100.

In lijn met het hoge aantal aanvragen voor schuldhulp, stegen de uitgaven in de HBEL-gemeenten. Huizen kreeg te maken met een stijging van 15% ten opzichte van 2008: van € 225.000 naar € 265.000. In de BEL-gemeenten was de toename nog sterker:
Blaricum: € 18.000 (2008), € 25.000 (2009), stijging van 40%.
Laren: € 15.000 (2008) en € 24.000 (2009), stijging van 60%.
Eemnes: € 16.000 (2008) en € 28.000 (2009), stijging van 75%".

Commentaar: Dit locale kostenplaatje bevestigt mijn opvatting dat schuldhulp in de huidige vorm qua financiering niet recessieproof zal blijken. Het moet beter en sneller met minder. Deelnemers van de Linkedin Groep worden uitgenodigd hun visie te geven op mijn prognose dat schuldhulpverlening op termijn in deze vorm niet meer financierbaar zal blijken.

Zie Radio6 FM

Loket schuldhulp bij zes CWI's in Friesland

"De provincie Friesland stelt €250.000 subsidie beschikbaar voor hulp aan mensen met financiële problemen. Hoofddoel is het voorkomen van schulden en armoede, bij voorbeeld na het verlies van een baan.

Zes Friese Centra voor Werk en Inkomen (CWI's) hebben of krijgen een loket waar mensen vragen kunnen stellen over schulden, het aanvragen van vergoedingen, het invullen van formulieren en dergelijke".

Vindplaats: Leeuwarden.nu

dinsdag 19 januari 2010

Reactie KBR op uitspraak Rechtbank Rotterdam over extreem lange wachttijd: KBR past werkprocessen aan!

"Geachte mevrouw Schruer,

U heeft op de weblog Observatrix een stuk gepubliceerd met de titel: Geen moratorium bij extreem traag verloop schuldhulpverlening.

"Naar aanleiding van uw publicatie hebben we een vragen gehad van het magazine Binnenlands Bestuur. Bijgaand stuur ik u ter informatie de beantwoording die we aan Binnenlands Bestuur hebben gedaan.

"Sociale Zaken en Werkgelegenheid/Kredietbank Rotterdam (KBR) betreurt de gang van zaken bij deze klant ten zeerste. Het betreft een zéér ongelukkige samenloop van omstandigheden, zowel voor wat betreft de uitvoering als de doorlooptijd. Dit had niet mogen gebeuren. Wij hebben de klant inmiddels gesproken en onze excuses overgebracht. Schade die de klant heeft geleden wordt vergoed door de dienst. De inboedel van de klant is niet verkocht. De KBR zorgt er ook voor dat er geen verkoop van de boedel zal plaatsvinden als gevolg van deze schuld aan Evides. Bovendien wordt verder gewerkt aan een schuldregeling voor de klant. Vanaf augustus 2008 heeft de KBR voor de betrokken klant budgetbeheer geregeld. Dit betekent dat vanaf dat moment zijn vaste lasten via de KBR worden betaald. Hierdoor is de schuldpositie van de klant gestabiliseerd.

Om in de toekomst dit soort incidenten te voorkomen is er inmiddels structurele formatie-uitbreiding bij de KBR gerealiseerd. Ook is de intakeprocedure gewijzigd. Inwoners die zich melden krijgen dezelfde dag nog een indicatiegesprek, waardoor de wachttijd voor nieuwe klanten is teruggebracht tot 0 dagen. Daarnaast is er een juridisch adviseur bij de KBR aanwezig, die de verzoeken aan de Rechtbank Rotterdam controleert op haalbaarheid, juistheid en volledigheid. Zo zet de gemeente Rotterdam alles op alles om de almaar toenemende schuldenproblematiek in de stad te bestrijden en liefst te voorkomen.

Hoe kan het zijn dat iemand 16 maanden op hulp moet wachten? Waarom is er in al die tijd niets geregeld?

In 2008 hebben zich ruim 7000 mensen voor hulp bij de KBR gemeld Ook het aantal mensen, waarvoor inkomensbeheer wordt gevoerd, is sterk gestegen van 2000 naar 5500 in 2008. Dit heeft ertoe geleid dat de afhandelingsduur van de aanvragen in 2009 is gestegen. Om dit zo snel mogelijk op te lossen is in 2009 tijdelijk een speciaal achterstandenteam aan de KBR toegevoegd. De achterstand van zestien maanden is echter uitzonderlijk lang.

Waarom was de KBR niet aanwezig bij de uitspraak op 31/12/09
De uitspraak was op 31/12/09. Inhoudelijk is de zaak behandeld op 21/12. Dit was de eerste dag van het extreem slechte winterweer in Nederland, waardoor het gehele openbare leven plat lag. Hierdoor was het niet mogelijk voor KBR om aanwezig te zijn op de zitting. Dit is vóór de zitting aan de Rechtbank kenbaar gemaakt".

Certificeringscommissie ontkoppelt certificering persoon van certificering organisatie

Zojuist meldt Paul Rispens op twitter het volgende:

"Ontkoppeling organisatiecertificering en persooncertificering SHV geaccordeerd in normcommissie".

Daarop heb ik als volgt gereageerd:

@PaulRispens Dus chaos compleet! en de looptijd?

Waarop Paul Rispens reageerde:

Nog geen besluit over duur schuldbemiddeling, NVVK stelt 36 maanden voor, gesteund door Divosa en VNG. Schuldeisers (VFN en NVB) in beraad.

Met veel dank aan Paul Rispens voor deze informatie heet van de naald van het certificeringsfront.

Waar moet je op letten bij een verzoek ex artikel 287a Fw

In antwoord op een lezersvraag naar aanleiding van de bespreking van de uitspraak van de Rechtbank Arnhem vanmorgen zet ik nog even de criteria op een rij die van belang zijn voor een verzoek ex artikel 287a Fw.

Het criterium op grond waarvan de rechter ex artikel 287a Fw over de gedwongen instemming oordeelt, luidt dat de schuldeiser in redelijkheid niet tot weigering van instemming met de schuldregeling heeft kunnen komen, in aanmerking genomen de onevenredigheid tussen het belang dat hij heeft bij uitoefening van de bevoegdheid tot weigering en het belang van de schuldenaar dat door die weigering wordt geschaad.

In de Memorie van toelichting wordt voor de invulling van dit criterium verwezen naar de jurisprudentie waaronder Rb. Almelo 4 februari 1998, JOR 1998, 66 en Voorzieningenrechter Rb. Zwolle 2 februari 2001, KG 2001, 136, Schuldsanering 2001 113:

– is het schikkingsvoorstel door een onafhankelijke en deskundige partij getoetst (bijvoorbeeld een gemeentelijke kredietbank);

– is het schikkingsvoorstel goed en betrouwbaar gedocumenteerd;

– is voldoende duidelijk gemaakt dat het aanbod het uiterste is waartoe de schuldenaar financieel in staat moet worden geacht;

– biedt het alternatief van faillissement of schuldsanering enig uitzicht voor de schuldenaar;

– biedt het alternatief van faillissement of schuldsanering enig uitzicht voor de schuldeiser: hoe groot is de kans dat de weigerende schuldeiser dan evenveel of meer zal ontvangen;

– is aannemelijk dat gedwongen medewerking aan een schuldregeling voor de schuldeiser concurrentieverstorend werkt;

– bestaat er precedentwerking voor vergelijkbare gevallen;

– wat is de zwaarte van het financiële belang dat de schuldeiser heeft bij volledige nakoming;

– hoe groot is het aandeel van de weigerende schuldeiser in de totale schuldenlast;

– staat de weigerende schuldeiser alleen naast de overige met de schuldregeling instemmende schuldeisers;

– is er eerder een minnelijke of een gedwongen schuldregeling geweest die niet naar behoren is nagekomen.

Voor de formele eisen moet worden gelet op het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbanken. Let daarbij bijzonder op artikel 3.2.3. maar let er ook op dat aan de algemene eisen moet worden voldaan omdat het verzoek moet worden gecombineerd met een verzoek toelating  Wsnp, zie artikel 3.1.1. en 3.1.2. Het is niet moeilijk maar vraagt wel om nauwkeurigheid!

Kwaliteiteisen bij verzoek gedwongen medewerking 287a-Fw

In een gisteren gepubliceerde uitspraak d.d.  28 december 2009 heeft de Rechtbank Arnhem nog eens aangegeven welke elementen bij een verzoek ex artikel 287a Fw van belang zijn:

- kwaliteit van de hulpverlening- hulpverlening door een advocaat wordt voor onvoldoende onpartijdig (en trouwens ook niet zelden onvoldoende deskundig, toevoeging hs) gehouden;
- de debiteur moet doen wat hij kan: 32 uur per week werken is niet genoeg;
- voldoende draagvlak onder schuldeisers: 6 van de 19 accoord is niet genoeg;
- afgebakende afweging tussen opbrengst minnelijk en wettelijk traject mede in het licht van de kwaliteitseisen (onderzoek activa, postblokkade, toezicht rc en bewindvoerder).

Nadat het verzoek in juni 2009 was ingediend duurde het tot december 2009 voor een mondelinge behandeling kon worden bepaald omdat de debiteur onvoldoende informatie had aangeleverd. Crediteur Laser voert een uitvoerig en houtsnijdend verweer tegen het verzoek.

De Rechtbank is zo discreet de naam van de behandelend advocaat niet te vermelden.

De debiteur had er beter aan gedaan zich direct tot reguliere schuldhulpverlening te wenden en zich te richten naar de wettelijke eisen.

Vindplaats: LJN BK9646

maandag 18 januari 2010

"Wachttijd SHV Amsterdam drie weken"

"In een brief aan de Amsterdamse Stadsdelen schrijft wethouder Ossel dat het wachtlijstenprobleem is opgelost. De wachttijd voor klanten die bij de gemeente voor hulp aankloppen, is teruggebracht van zestien weken tot de meer gebruikelijke termijn van drie weken.

Een verzoek om hulp wordt sneller in behandeling genomen, waarna het dan nog wel driekwart jaar duurt voordat een akkoord met schuldeisers is bereikt en de afbetaling van de schuld kan beginnen.

Het beperken van de wachtlijsten werd bereikt terwijl het aantal aanvragen voor schuldhulpverlening steeg, van tien- tot twaalfduizend".
 
Zie Parool en de door mij hierover gestelde vraag op de Linkedin Groep.

Meer betalingsachterstanden en minder veilingen met Nationale Hypotheek Garantie (NHG)

"Het (HG) instituut registreerde in 2009 17% minder gedwongen verkopen vergeleken met 2008. In 1 op de 3 gevallen werd de gedwongen verkoop veroorzaakt door echtscheiding. In 1 op de 10 gevallen was werkloosheid de oorzaak

‘Het aantal veilingen van woningen is in 2009 volgens de cijfers van het Kadaster weliswaar gestegen’, stelt Karel Schiffer, algemeen directeur van NHG. ‘Maar kennelijk geldt die stijging ten aanzien van woningen die niet zijn gefinancierd met NHG.’

Het aantal geregistreerde betalingsachterstanden van leningen met NHG is dit jaar met 28% opgelopen in vergelijking met 2008. ‘Tegen de achtergrond van de toegenomen werkloosheid valt de groei in betalingsachterstanden mee. Wel houden we er nog steeds rekening mee dat deze groei kan leiden tot een toename van het aantal gedwongen verkopen,’ aldus Schiffers".

Vindplaats: FD

Geen moratorium bij extreem traag verloop schuldhulpverlening in Rotterdam - vervolgd

Op de Linkedin Groep wordt ook gediscussieerd over de zorgwekkende uitspraak van de Rechtbank Rotterdam waarbij een moratorium wordt aangevraagd voor een debiteur bij wie in het minnelijk traject door toedoen van de schuldhulpverlening in 18 maanden niets of nauwelijks iets is gebeurd. Een deelnemer schreef de volgende reactie:

"Je hebt in de schuldhulpverlening grofweg te maken met 4 groepen, hoewel elke indeling arbitrair is:

- De kansrijken. Mensen die meewerken en ook begrijpen hoe procedures in Nederland werken en er niet tegen opzien weer een formulier in te vullen. Gezien de toenemende complexiteit van met name de sociale wetgeving en alle inkomensvoorzieningen wordt deze groep steeds kleiner. Voor hen is elke schuldregeling redelijk kansrijk.
- De mensen die veel hulp nodig hebben om door het oerwoud heen geleid te worden, maar wel van goede wil zijn. Hier wordt het al lastiger om een schuldregeling van de grond te krijgen, maar veelal zal dat wel lukken. Het vereist echter een meer dan gemiddelde inzet van de schuldhulpverlening.
- De niet willers. Zij haken af om tal van redenen (complex, eigenwijs, niet gemotiveerd etc).
- De niet kunners. Voor deze laatste groep is het ondoenlijk een minnelijke regeling op te zetten. Zij worden waarschijnlijk met veel moeite gestabiliseerd, als dat al lukt. Voor hen zou het mogelijk moeten zijn direct een beroep te doen op de Wsnp en hen niet te laten verzanden in een eindeloos stabilisatietraject. Echter met een kanttekening; zij moeten dan ook in de Wsnp veel begeleiding hebben, want anders gaat het daar mis. immers de bewindvoerder is er voor de boedel en niet voor de begeleiding. En dan moet je ook nog bij een goed bewindvoerderskantoor terecht komen, want helaas zit daar ook soms nog wat kaf onder het koren, hoewel mij het laatste jaar minder klachten ter ore komen.

Helaas vinden veel rechtbanken dat onder een mislukt minnelijk traject verstaan moet worden: de schuldeisers hebben het voorstel verworpen en een dwangakkoord is niet van toepassing. Ook door deze strikte opvattingen blijven veel mensen ten onrechte lang tot zeer lang in de schuldhulpverlening hangen. Echter de Rotterdamse casus is hier niet van toepassing. Die klant is slachtoffer van een falend systeem, dat nog erger wordt gemaakt door een volkomen verkeerde procedure in te zetten, een moratorium dat alleen kan worden ingezet bij huisuitzetting en afsluitingen (en royering zkv). De uitspraak van de rechtbank deed pijn aan mijn professionele ogen. Wat een amateurisme en dan ook nog niet eens de cliënt begeleiden bij de zitting! Schande!"
 
Ook hier worden belangstellenden van harte uitgenodigd mee te doen met de discussie door te klikken op deze link.

"Zonder 285-verklaring in de Wsnp" vervolgd

Op de Linkedin Groep is een discussie gaande over de bijdrage Zonder 285-verklaring in de Wsnp.

Aan de orde komt dat de Rechtbank Leeuwarden ondernemers zonder minnelijk traject toelaat tot de Wsnp, omdat er geen minnelijk traject voor ondernemers zou zijn. Zonder te kunnen oordelen over de plaatselijke omstandigheden kan worden geconstateerd dat dit in het algemeen niet opgaat. Het is zeer wel mogelijk voor ondernemers een minnelijk traject op te zetten en de schuldregeling die daarvan het gevolg kan zijn, kan even duurzaam zijn bij een geslaagd Wsnp-accoord. De wettelijke zorgplicht zal ook gaan gelden voor natuurlijke personen/ondernemers en gemeenten zullen zich daarop moeten voorbereiden, hetgeen in een aantal gevallen ook al gebeurt.

De deelnemers spreken tevens over de mogelijkheid dat debiteuren zouden kunnen kiezen tussen het minnelijk en het wettelijk traject. Dit lijkt mij niet wenselijk. Voorschakeling van het minnelijk traject waarin als het goed is een bredere analyse  van het probleem plaats vindt dan in het wettelijk traject behoort bij te dragen aan het vinden van een duurzame oplossing.

Daarbij moeten we niet de ogen sluiten voor de kwaliteitsproblemen die er nu over het minnelijk traject bestaan. Die zorgen zijn geen reden het kind met het badwater weg te gooien maar zouden mijns inziens een extra impuls moeten zijn aan de kwaliteit te werken en die publiek toetsbaar te maken.
Het is de vrag of er voor gemeenten voldoende prikkels zijn om goede schuldhulp te  verlenen. Het formeel wegwerken van wachtlijsten waarna er achter de deur niet veel meer gebeurt dan stabiliseren tot in eeuwigheid is geen aanvaardbare oplossing.

Wie wil meelezen en mee-debatteren over dit onderwerp klikke op deze link.

Uitbreiding aantal schuldhulpverleners in Barneveld

In Barneveld wordt het aantal schuldhulpverleners uitgebreid van vier naar vijf om de wachtlijst terig te brengen naar vier weken.

"De wachttijden voor schuldhulp zijn het afgelopen jaar - mede door de recessie - fors opgelopen in Nederland. In Barneveld moeten mensen die diep in de schulden zitten soms langer dan acht weken op hulp wachten, terwijl een termijn van vier weken acceptabel is voor de gemeente".

Zie Veenendaalse krant

zondag 17 januari 2010

Van Linkedin Schuldhulpverlening gesprokkeld!

Wilt u ook de maandelijkse CentiQ, Wijzer in geldzaken nieuwsbrief ontvangen?

Meldt u aan via onderstaande link:
http://www.wijzeringeldzaken.nl/partners/nieuws/nieuwsbrief.aspx

Schuldhulp (ex-)ondernemers in Aalsmeer en Uithoorn

Aalsmeer en Uithoorn trekken gezamenlijk een bedrag uit ad EURO 30,000,-- voor hulp aan ondernemers.
zie link

Schuldhulp (ex-)ondernemers Hilversum en Weesp

"In Weesp of Hilversum gevestigde (ex-)ondernemers met financiële problemen kunnen voor gratis schuldhulpverlening binnenkort terecht bij Bureau Zelfstandigen en Kunstenaars (BZK). Hun positie wordt daarmee gelijk aan die van particulieren, die voor gratis schuldhulpverlening al bij de gemeente kunnen aankloppen.


Weep en Hilversum besteden de reguliere schuldhulpverlening uit aan de Kredietbank Nederland (voorheen Stadsbank Midden Nederland). De kosten, 24.000 euro, voor schuldhulp aan (ex-)ondernemers met financiële problemen worden betaald uit het participatiebudget en de bijzondere bijstand".

Zie Vecht-Journaal

vrijdag 15 januari 2010

"Schuldhulpverlener helpt cliënten dieper in de schulden"

"Wanneer u schulden heeft, kan een schuldhulpverlener uitkomst bieden. Knelpunt stuit op een bureau dat cliënten niet schuldenvrij maakt, maar nog dieper in de schulden brengt.
Ook bekijkt Knelpunt opnieuw een opmerkelijke beleggingsfraude zaak uit 2008. Gedupeerden investeerden 30.000 euro in een fonds dat nadat het geld is gestort, niets meer van zich laat horen.

Presentatie: Elles de Bruin
Uitzending vrijdag 15 januari 2010 19.25 uur, Ned 2"

Zie vindplaats

"EHBO nodig voor schuldhulpverlening"

"De kans dat er één niet wil meewerken aan een gezamenlijke oplossing is groot. Ook speelt mee dat er veel partijen zijn die een oplossing vertragen. Tot het UWV een beslissing heeft genomen over de uitkering, kan de schuldhulpverlening bijvoorbeeld niet van start gaan. En sommige schuldeisers hebben meer voorrang dan anderen: de fiscus mag drie keer per jaar duizend euro van de rekening van een schuldenaar halen en zorgverzekeraars mogen alvast geld inhouden op iemands uitkering.’

‘Wij storen ons buitengewoon aan deze onevenwichtigheid’, zegt Jan Siebels, voormalig directeur van de Gemeentelijke Kredietbank in Amsterdam en oud-voorzitter van de koepelorganisatie voor schuldhulpverleners NVVK. ‘Die zorgverzekeraars mogen ook nog eens dertig procent boete rekenen. Dertig procent! De overheid vindt het blijkbaar heel belangrijk dat iemand een zorgverzekering heeft. Maar wat heb je aan een verzekering als je geen huis hebt om in te wonen?’

Mensen met schulden zoeken vaak laat hulp en als ze aan de bel trekken, komen ze op een wachtlijst. Door de toename van het aantal schuldenaars nemen die wachtlijsten toe. De kenniskring pleit voor een EHBO-systeem voor schuldhulpverlening. José ten Kroode, lid van de kenniskring en directeur van Zwind, dat zich bezighoudt met schuldhulpverlening: ‘De ergste gevallen komen dan het eerst aan de beurt. Zoals het nu gaat, kun je al “overleden” zijn als je aan de beurt bent.’ Ook een moratorium zou goed zijn. Nadja Jungmann: ‘Schuldeisers maken even pas op de plaats zodat er een plan kan worden gemaakt. Nu is schuldhulpverlening veel tijd kwijt met het managen van schuldeisers. Zonde van de tijd!’

Zie republic.nl

Hoe zit het met de Rotterdamse collegedoelstelling over schuldhulpverlening?

Volgens de Rotterdamse Rekenkamer heeft het College aanzienlijk minder doelstellingen gerealiseerd dan het College zelf eerder heeft bekend gemaakt.

In het coalitie-accoord van het Rotterdams College staat vermeld sub 4A-1:

Het percentage minnelijke schuldhulpverleningstrajecten stijgt van 8% in 2006 naar 17% in 2009.

Het percentage minnelijke schuldhulpverleningstrajecten stijgt van 17% in 2009 naar 20% in 2010.

De Rotterdamse Rekenkamer stelt: Een percentage van 21% is juist. Hiermee is het doel gehaald.

Doelstelling 4A-2 luidt:

Het aantal intakes stijgt van 4.000 in 2006 tot 5.600 in 2009.

De Rotterdamse Rekenkamer stelt: Aantal: 5.047. De doelstelling is voor 90% gehaald.

Alle reden dus om verheugd en dankbaar te zijn dat het zo goed gaat met schuldhulpverlening in Rotterdam!

"Gemeente kan schuldhulpverlening niet aan"

"Kenmerkend voor de huidige uitvoeringspraktijk is dat de mogelijkheden om mensen te helpen beperkt worden door allerlei afhankelijkheidsrelaties. Werkgroeplid Jose ten Kroode, directeur van Zwind dat onder meer schuldhulpverlening uitvoert, zegt hierover "in de praktijk gaan er weken zo niet maanden voorbij voordat de belastingdienst toeslagen toekent, het UWV een uitkering verstrekt of een crediteur reageert op een verzoek om informatie. Het gevolg is dat schuldhulpverleners onvoldoende toekomen aan het oplossen van de schuldsituatie."

"Naast afhankelijkheden vormen de toegenomen invorderingsbevoegdheden van crediteuren ook een steeds groter probleem. Ten Kroode: "Sinds 1 januari mag de belastingdienst drie keer duizend euro van een betaalrekening afschrijven. Als dit gebeurt bij iemand met een bijstandsuitkering, dan betaalt hij prompt die maand zijn huur niet. Voor de woningcorporatie kan dit net de druppel zijn om over te gaan tot een uit huiszetting."

"De combinatie van een steeds ingewikkeldere uitvoeringspraktijk, een verwachte toename van het aantal schuldenaren in de komende jaren en de bezuinigingen die ook het sociaal domein van gemeenten gaan treffen, vormen een optelsom die voor de werkgroep de aanleiding is om zich grote zorgen te maken over de uitvoerbaarheid van de schuldhulpverlening in de (nabije) toekomst".

Zie gemeente.nu

"Schuldhulp lang niet uit problemen"

Sociaaltotaal heeft een artikel over het document "Met minder geld beter en meer schuldhulpverlening":

"De moeilijkheid zit volgens Jungmann onder meer in de grote hoeveelheid partijen waarvan een schuldhulpverlener afhankelijk is. ‘Een bank die moet meewerken bij het vlot openen van een rekening. De belastingdienst waar toeslagen moeten worden aangevraagd, instanties voor de uitkering… ‘ Daarnaast frustreert de bijzondere invorderingspositie van onder meer de IB-Groep, de Belastingdienst, zorgverzekeraars en het Centraal Justitieel Incassobureau een schuldhulpproces vaak, vinden de schrijvers. Die partijen krijgen bijvoorbeeld voorrang bij het aflossen van de schulden of ze mogen meer terugvorderen dan andere crediteuren.

Jungmann: ‘Er zijn allemaal regels die op zich begrijpelijk zijn. We snappen dat privacywetgeving het vroegtijdig opsporen van schulden moeilijk maakt. Er is wat te zeggen voor het argument dat iedereen gewoon alle belasting moet betalen of zijn zorgverzekering. Maar alles bij elkaar werkt het gewoon niet.’ De werkgroep vindt dat er een ‘fundamentele redesign’ nodig is. Het onderscheid tussen de minnelijke schuldhulpverlening via de gemeente en het wettelijke traject via de rechtbank zou moeten vervallen, stelt de werkgroep voor".

"De werkgroep vindt dat er een ‘fundamentele redesign’ nodig is. Het onderscheid tussen de minnelijke schuldhulpverlening via de gemeente en het wettelijke traject via de rechtbank zou moeten vervallen, stelt de werkgroep voor.

Nu is het voor schuldeisers verleidelijk om een minnelijk traject expres te laten mislukken, omdat de opbrengst bij een wettelijk traject zekerder is door meer controle en daarmee vaak ook hoger uitvalt. Een nieuw intakeproces moet voorkomen dat wachtlijsten zich ophopen direct na aanmelding. Ook zouden gemeenten via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) achterliggende problemen van schuldenaren moeten aanpakken."

Ook in Binnenlands Bestuur wordt vandaag aandacht het document besteed, zie link.

donderdag 14 januari 2010

Debiteur heeft geen recht op een betalingsregeling

Het is goed dat de Kantonrechter Maastricht nog eens duidelijk op het uitgangspunt heeft gewezen dat een schuld gewoon moet worden betaald zonder recht op een regeling. Wordt om een regeling gevraagd dan kan de schuldeiser daaraan voorwaarden verbinden zoals het verstrekken van financiele informatie. De schuldhulpverlening zij ervan doordrongen dat opschorting / moratorium uitzonderingsregime is en dat daartegenover een te rechtvaardigen voordeel voor de schuldeiser moet staan zoals adequate schuldhulpverlening verleend met redelijke spoed. Offers vragen van schuldeisers in termen van opeisbaarheid zonder contraprestatie is in strijd met de grondslagen van het burgerlijke recht.

Ik citeer uit het vonnis van 4 december 2009:
"Eiser was niet gehouden het eenzijdig door gedaagde gedane betalingsvoorstel te accepteren. Een schuldeiser hoeft immers geen genoegen te nemen met een uitgestelde betaling en evenmin met voldoening in gedeelten, doch kan erop staan dat een op zichzelf opeisbare vordering terstond en ineens wordt voldaan".

Zie LJN BK8136

Geen moratorium bij extreem traag verloop schuldhulpverlening in Rotterdam

De Rechtbank Rotterdam heeft gisteren een uitspraak van 31 december 2009 gepubliceerd die in ieder geval voor mij als Rotterdammer, bijna te pijnlijk is om te lezen. Ik citeer eerst de kernoverweging:

"Een voorziening zoals door eiser bedoeld, kan alleen worden toegewezen op grond van artikel 287, vierde lid, Fw. Deze voorziening, hangende toelating, is evenwel uitsluitend beschikbaar in het kader van een reguliere aanvraagprocedure voor het wettelijk traject. Daarvan is in het onderhavige geval nog geen sprake. De rechtbank stelt vast dat de wetgever geen voorziening heeft geboden voor gevallen waarin weliswaar door een enorm tijdsverloop de schuldennood steeds groter is geworden, maar niettemin door een uiterst trage werkwijze van de schuldhulpverlening na 16 maanden nog geheel geen duidelijkheid bestaat met betrekking tot de vraag of de schuldenproblematiek al dan niet met een minnelijke regeling kan worden opgelost. De opmerking van de KBR dat cliënt werd en wordt gebudgetteerd door de KBR en dat de achterstand bij KBR in het oppakken van dossiers aan cliënt niet kan worden aangerekend, maakt dit niet anders. Dit laatste kan namelijk ook de schuldeisers niet worden aangerekend".

Wat was er aan de hand? De schuldenaar heeft zich al 16 maanden geleden, namelijk op18 augustus 2008 voor schuldhulpverlening bij de KBR gemeld. Eind maart 2009 is zijn dossier overgedragen aan het achterstandsteam met het verzoek het dossier op te pakken. Cliënt heeft op 11 augustus 2009 een intakegesprek gehad. Vanaf dat moment is het achterstandsteam in samenwerking met de schuldenaar bezig geweest om het dossier compleet te krijgen teneinde de feitelijke schuldsanering te kunnen starten. Eerst op 25 november 2009 is aan schuldeisers verzocht om opgave te doen van hun vordering.

Het moratorium wordt gevraagd omdat de inboedel van de debiteur geveild dreigt te worden door een crediteur (Evides) voor een vordering van afgerond EURO 500,00. In dit bedrag is vast een relatief groot gedeelte voor rente en kosten begrepen w.o. dagvaarding, griffierecht en deurwaarderskosten.

Er is een gezegde dat je geen vijanden meer nodig hebt wanneer je vrienden je op een bepaalde wijze behandelen. Hier is een debiteur als gevolg van herhaalde en ernstige nalatigheid van de hulp verlenende KBR verder de vernieling in gedraaid. Waar gehakt wordt vallen spaanders en ongetwijfeld is sprake van ernstige overbelasting van de KBR door toestroom van aanvragers. Als het misgaat moet je dan vervolgens wel de verantwoordelijkheid nemen. In de gegeven omstandigheden was men dit niet alleen aan de Rechtbank maar ook aan de debiteur tenminste verplicht. De mechanismen om te signaleren dat het water over de dijk gaat en actie gericht op damage control hebben in dit geval ook niet gewerkt. Of zou de KBR die ook niet hebben?

Navrant is ook, dat de KBR wel was opgeroepen maar ter zitting niet was meegekomen met de debiteur die het des alleen heeft moeten opknappen. Wat moet er van de relatie tussen de KBR en de Rechtbank terecht komen als bedrijfsongevallen van dit type nonchalant op het bord van de Rechtbank worden geworpen zonder excuus en zonder de moeite te nemen naar de zitting te komen?

Dit is precies de situatie die maakt dat de KBvG zich verzet tegen het brede moratorium minnelijk traject. Ook de hulpverlening moet zich afvragen of zij dat wil aangezien het niet zo kan zijn dat de schuldeisers een stap terug moeten doen in de incasso-activiteit en vervolgens de hulpverlening achterover leunt en de zaak boekt als een geslaagd namelijk gestabiliseerd traject, waarna aan het einde van het moratorium de zaak alsnog explodeert.

Het lijkt mij dat bestuur en volksvertegenwoordiging binnen de Gemeente en daarbuiten zich over de situatie die uit deze uitspraak naar voren komt, maar eens moeten buigen. Wat heeft het voor zin wetgeving te maken over de zorgplicht en regelingen voor wachttijden wanneer deze praktijken blijken voor te komen? Moet er niet ook een boete worden gesteld op onvoldoende voortvarende behandeling van een aanvraag schuldhulpverlening. Als je je als aanbieder van  hulp in de markt presenteert, is het vervolgens wel de bedoeling dat je daadwerkelijk helpt als een aanvraag eenmaal is geaccepteerd.

Het lijkt mij ook dat de Gemeente als een speer de schade voor haar rekening moet nemen die is veroorzaakt bij de debiteur. De tijd en energie die te elfder ure is besteed om een moratorium verzoek in te dienen, waarbij het vervolgens te veel gevraagd was om mee te gaan naar de zitting, had beter kunnen worden gebruikt om de schade direct te vergoeden in het belang van de debiteur, de crediteur maar ook en niet in het minst het belang van de KBR en de gemeente Rotterdam!

Jules Deelder heeft ooit geschreven "Geen rotter dam dan amsterdam" maar volgens mij vallen we nu zelf in de prijzen.

Deelnemers aan de Linkedin Groep worden hierbij van harte uitgenodigd hun visies op en ervaringen met situaties als beschreven in deze uitspraak te laten weten.

Vindplaats: LJN BK9064

Naschrift: Verder nadenkend vraag ik mij af waarom de KBR niet tegelijk toelating Wsnp heeft gevraagd. Dan had de debiteur, aannemend dat hij aan de voorwaarden voldeed, in ieder geval zicht gekregen op een oplossing van zijn problemen in plaats van een lang uitzichtsloos verblijf in de wachtkamer waarbij hij zelfs zijn inboedel dreigt te verliezen. Ofwas dat meer werk dan het achterstandsteam aan kon na de verwijzing in maart 2009?

Zie ook reactie KBR

Klachten over schuldhulpverlening in Hogezand-Sappemeer

In Hogezand-Sappemeer hebben ontevreden clienten van de schuldhulpverlening een beroep op een advocaat gedaan omdat zij al jarenlang hun schulden afbetaken maar niet uit de problemen komen. Hiervoor kunnen vele oorzaken bestaan. Nader onderzoek is dus gewenst, waarbij niet a priori de wijze van hulpverlening als voorwerp van onderzoek wordt uitgesloten. Zie link

woensdag 13 januari 2010

Financieel onvermogen geen reden vervangende hechtenis niet ten uitvoer te leggen

"Uit artikel 561 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) volgt dat een vonnis zo spoedig mogelijk ten uitvoer wordt gelegd. Uit artikel 561 lid 4 Sv volgt verder dat een schadevergoedingsmaatregel in ieder geval binnen twee jaar en drie maanden na de dag waarop het vonnis voor tenuitvoerlegging vatbaar is geworden, moet zijn voldaan. De wijze waarop het CJIB deze maatregelen ten uitvoer legt, is neergelegd in de 'Aanwijzing executie (vervangende) vrijheidsstraffen, taakstraffen van meerderjarigen, geldboetes, schadevergoedings- en ontnemingsmaatregelen, Europese geldelijke sancties en toepassing voorwaardelijke invrijheidsstelling' (Staatscourant 23 juni 2008, nr. 118, pagina 12) (hierna: de Aanwijzing). In de Aanwijzing is ten aanzien van betalingsregelingen opgenomen dat de verantwoordelijkheid voor het aangaan hiervan exclusief is voorbehouden aan het CJIB, alsmede dat het CJIB in beginsel geen betalingsregelingen treft, tenzij een verzoek om een betalingsregeling op grond van bijzondere omstandigheden gehonoreerd kan worden. Het CJIB heeft in deze een ruime beleidsvrijheid, wat meebrengt dat de voorzieningenrechter in kort geding deze beslissingen in beginsel slechts marginaal kan toetsen".

"Vaststaat dat eiser deze betalingsregeling niet is nagekomen, zodat hij wist dat alsdan de incassoprocedure zou volgen. Eiser heeft aangevoerd deze betalingsregeling niet te kunnen betalen vanwege de nasleep van zijn detentie. De financiële middelen ontbraken: hij had geen werk. Er was wederom geen sprake van betalingsonwil, maar van betalingsonmacht, aldus eiser. Dit gestelde onvermogen van eiser kan op zichzelf geen aanleiding zijn om zijn invrijheidstelling te bevelen. Voor zover er al bij oplegging van schadevergoedingsmaatregelen rekening kan worden gehouden met het onvermogen van betrokkene, moet de strafrechter geacht worden hier oog voor te hebben gehad en past hier terughoudendheid van de civiele rechter. Eiser heeft nog aangevoerd dat gedaagde in zijn brief van 10 oktober 2008 geen waarde hecht aan de termijn van artikel 561 lid 4 Sv. De voorzieningenrechter is het met gedaagde eens dat het in deze zaak ging om een voorlopige betalingsregeling van vier maanden en eiser bovendien in de brief van 10 oktober 2008 is gewezen dat het gehele bedrag op grond van 561 lid 4 Sv binnen twee jaar en drie maanden moet zijn voldaan".

De Voorzieningenrechter Rechtbank 's-Gravenhage heeft in een gisteren gepubliceerd mooi, uitvoerig gemotiveerd vonnis van 6 januari 2010 nog eens uiteengezet wat wettelijk de positie van het CJIB is in geval van financieel onvermogen. Het ging om een vordering tot schadevergoeding ad afgerond EURO 13.000,00 wegens herhaald plegen van diefstal in vereniging. De debiteur deed een beroep op schuldhulpverlening nadat hij een betalingsregeling niet was nagekomen en verzocht om uitstel. Het CJIB werkte daaraan niet mee. De Voorzieningenrechter zag geen aanleiding de vervangende hechtenis te schorsen en veroordeelde de debiteur in de kosten van het geding (uiteraard zonder vervangende hechtenis!).

Vindplaats: LJN BK8906

dinsdag 12 januari 2010

Plaatselijke getallen SHV omgeving Arnhem

"In Zevenaar is door het oplopend aantal aanvragen de wachttijd voor hulp opgelopen tot 3 maanden. Met de extra inzet van ambtenaren wordt nu geprobeerd die periode weer terug te dringen naar 4 tot 6 weken. De stijgende werkloosheid is een van de redenen waarom mensen vaker een beroep doen op schuldhulpverlening. "Mensen kunnen plotseling hun hypotheek niet meer betalen", zegt wethouder Wim Bless van Zevenaar. "Daar kunnen ze vaak zelf niets aan doen. Daar hebben we nu extra inzet van ambtenaren voor nodig."

"In Duiven is het aantal aanvragen gestegen van 85 stuks in 2008 naar 115 in 2009. In Westervoort is sprake van een stijging van bijna 20 procent: van 81 aanvragen in 2008 tot 100 in het vorig jaar. Rijnwaarden constateert eveneens een stijging, maar heeft de meest actuele cijfers niet beschikbaar. Zevenaar scoort in 2009 124 aanvragen, circa 25 procent meer. In Doesburg ligt het gemiddeld aantal aanvragen per jaar rond de 115 stuks. Vorig jaar hebben 128 inwoners voor hulp aangeklopt, in 2008 waren dat er 96. De gemeente Montferland constateert als enige geen stijging".

Zie De Gelderlander

LOI start eenjarige cursus schuldhulpverlening

De LOI maakte vandaag bekend een 1-jarige schriftelijke cursus aan te bieden die opleidt voor het NEN-certificaat 8048-2.  Zie link

Het lijkt enigszins te gaan dringen op deze markt waarvan de tijd zal gaan leren wat de betekenis is van certificering volgens de NEN-norm.

Budget-advies vanaf de BAC-fiets

"Het Budgetadviescentrum (BAC) gaat halverwege het jaar op een bakfiets ('BAC-fiets') de Arnhemse wijken in. Het BAC gaat langs bij mensen met weinig geld om hun uit te leggen hoe zij hun inkomen kunnen aanvullen.Dat kan bijvoorbeeld door gebruik te maken van de Arnhem Card en de collectieve zorgverzekering. Ook kunnen wijkbewoners advies krijgen over hoe zij uit de schulden kunnen komen en blijven. Ook gaat het BAC een budgetcursus aanbieden".

Zie De Gelderlander

Martijn Schut over relatieve armoede in Nederland

Martijn Schut heeft op zijn weblog een interessante bijdrage geschreven over meting van relatieve armoede binnen Europa.

Meld handelen in strijd met regels afsluiting energie in wintertijd

Op de Linkedin Groep schuldhulpverlening is een oproep gedaan handelen in strijd met energieregelgeving in de wintertijd te melden opdat deze gebundeld ter kennis van de Tweede Kamer kunnen worden gebracht, zie link.

Woonlastenverzekering biedt niet of nauwelijks zekerheid

De woonlastenverzekering die de afgelopen jaren is aangeboden als middel om kosten van woonlasten te kunnen blijven dekken in geval van arbeidsongeschiktheid of werkloosheid blijkt in de praktijk weinig aanvullende zekerheid te bieden. Niet zelden is -net als bij de praktijken van de DSB- de premie grotendeels opgegaan aan provisie en zijn verder de voorwaarden zodanig dat het niet of nauwelijks tot een uitkering komt in de gevallen waarvoor de verzekeringnemer meende een regeling getroffen te hebben.

Zie artikel Telegraaf

"Het nieuwe huishoudboekje"

Het huishoudboekje is het afgelopen jaar vaker aan de orde geweest:
"De broekriem aan: geschiedenis van het huishoudboekje"
ING introduceert TIM het nieuwe huishoudboekje
verwezen werd naar "De succesvolle pilot van TIM"

De Telegraaf heeft gisteren een nieuw alternatief op dit terrein genomen: Het nieuwe huishoudboekje

"In samenwerking met Cashflow, onderdeel van het Haagse bedrijf Invers BV dat financiële software maakt voor consumenten, kunt u voortaan, gratis, vanaf deze website doorklikken naar uw eigen digitale huishoudboekje. Wat geeft u uit aan verzekeringen, wat kosten de dagelijkse boodschappen bij de supermarkt u en hoeveel spendeert u per maand aan de kapper, aan benzine en aan woonlasten? U kunt het nu simpelweg in kaart brengen. En dan weet u precies hoe u er financieel voorstaat.

Via de button 'Digitaal huishoudboekje' van Cashflow links op onze website kunt u doorklikken naar uw digitale kasboekje. U maakt uw eigen persoonlijke account aan, met een door uzelf gekozen inlognaam en wachtwoord. Vanwege de veiligheid wordt u gevraagd antwoord te geven op een persoonlijke vraag waarop alleen u het antwoord weet, zoals bijvoorbeeld de meisjesnaam van uw moeder. Deze extra vraag moet u de garantie bieden dat dit digitale huishoudboekje alleen voor u toegankelijk is. Dan kunt u aan de slag. 

U kunt uw banktransacties vanuit uw internetbankrekening(en) ophalen in uw persoonlijke huishoudboekje. Dit gebeurt via de standaard inlog- en downloadprocedures van uw bank. Deze financiële transacties worden gerubriceerd in verschillende categorieën: supermarkt, verzekeringen, hypotheek, huur, energiekosten, reiskosten, telefoon- en internetkosten, abonnementen etc. en vervolgens omgezet naar grafieken en tabellen".

Vraag die bij initiatieven van dit type wel altijd speelt is de kwaliteit van de bescherming van privacy en van bankgegevens. Afgezien daarvan is het idee sympathiek en biedt het een mogelijkheid tot vermeerdering van inzicht in de eigen huishoudfinancien vooral voor degenen voor wie de maand steeds enkele dagen langer is dan hun salaris reikt.

Suggestie uit de verzamelbrief SZW betreffende voorkoming woningontruimingen

"Op grond van artikel 14 van de Gerechtsdeurwaarderswet moet er bij een woningontruiming voorafgaand melding worden gedaan aan het college van Burgemeester en Wethouders van de datum en het tijdstip van de feitelijke ontruiming. De gemeente Groningen gebruikt deze melding om vroegtijdig tot actie over te gaan. De betrokkene krijgt een brief met een hulpaanbod om gezamenlijk te zoeken naar een oplossing voor de problematische schulden.

Ook de VNG heeft op haar site http://www.vng.nl/eCache/DEF/91/715.html  de aanpak van de gemeente Groningen als goed voorbeeld gepresenteerd en zij vraagt ook andere gemeenten goede voorbeelden aan te dragen".

Informatieplicht saniet zwaarwegend

"Volgens het hof kan het verwijt dat [verzoekster] niet aan haar informatieplicht voldoet echter nog wel, en in zeer ernstige mate, worden gemaakt, temeer nu - na uitdrukkelijke waarschuwingen - [verzoekster] zelfs in hoger beroep nog geen enkel concreet voorstel of plan voor de invulling van haar informatieplicht heeft. Ook hetgeen [verzoekster] heeft aangevoerd over de ondersteuning door een maatschappelijk werker is niet met een concreet voorstel onderbouwd. Inschakeling van een van haar dochters, waarop [verzoekster] zich eveneens heeft beroepen, heeft evenmin enige verbetering gebracht. Het hof heeft geoordeeld dat de rechtbank, ondanks het onterecht gebleken verwijt met betrekking tot de (sollicitatie)inspanningsplicht, de toepassing van de schuldsaneringsregeling terecht en op goede gronden heeft beëindigd".

Arrest Hoge Raad 8 januari 2010, zie link

Pas op met het insolventieregister

De Rechtbank 's-Gravenhage behandelde een zaak met een merkwaardige complicatie.

"Ter comparitie blijkt uit een arrest van de Hoge Raad dat de gedaagde na een beïndigde schuldsanering failliet is. Ruim een maand later, ten tijde van de comparitie, is deze uitspraak nog steeds niet gepubliceerd in het Insolventieregister. Eiser was niet bekend met het faillissement van gedaagde. De vraag is of het achterwege blijven van publicatie gevolgen heeft voor een schorsing van de procedure op grond van artikel 29 Faillissementswet. De rechtbank beantwoordt deze vraag ontkennend, omdat publicatie in het Insolventieregister geen constitutief vereiste is voor de onmiddellijke rechtsgevolgen van een faillissement".

Zie deze link

maandag 11 januari 2010

Wetsontwerp zorgplicht shv vrijdag opnieuw in Ministerraad?

Weerkerend is het gerucht dat de Ministerraad aanstaande vrijdag het wetsontwerp zorgplicht op de agenda heeft staan. Dit impliceert dat de Raad van State heeft geadviseerd en vermoedelijk dat het ontwerp op geleide daarvan zo nodig is aangepast. Zie ook wetgevingskalender SZW

Ik houd u op de hoogte.

"Observaties van Observatrix"

De redactie van het Tijdschrift Schuldsanering heeft mij gevraagd voortaan columns te schrijven voor het tijdschrift.

Ik zal dat gaan doen onder de rubrieksnaam "Observaties van Observatrix".

De eerste column heeft als titel "Ik ween om bloemen in de knop gebroken" en gaat over het tragische proces om te komen tot certificering van schuldhulpverlening.

"Met minder geld beter en meer schuldhulpverlening"

Onder deze titel is een document opgesteld door de informele kenniskring schuldhulpverlening waarvan onder meer (op persoonlijke titel) deel uitmaken Nadja Jungmann Adviseur, Hiemstra & De Vries, Jose ten Kroode Directeur, Zwind, Anke van Beckhoven Adviseur, Zwind, Joke de Kock Manager bureau schuldhulpverlening, gemeente Tilburg, Bram Buik Gerechtsdeurwaarder, Gerechtsdeurwaarderskantoor Buik en Van der Horst, Jan Hoek Stadsdeelwethouder Zorg & Welzijn Amsterdam Zeeburg, Jan Siebols Projectleider Vroeg er op af!, gemeente Amsterdam, Jeroen Hoogteijling Issuemanager, Leger des Heils en Patrick Verbaarschot Directeur GRIP en schrijver dezes.
"De uitvoering van schuldhulpverlening staat zwaar onder druk. Lange wacht- en doorlooptijden, hoge uitval en een laag slagingspercentage waardoor schulden veel te vaak blijven bestaan, zijn vraagstukken die in heel veel gemeenten spelen. In de afgelopen jaren hebben gemeenten wel geprobeerd om deze vraagstukken op te lossen, maar in veel gevallen met onvoldoende resultaat. Voor zowel de nabije als verdere toekomst maakt de informele werkgroep schuldhulpverlening zich serieuze zorgen over de houdbaarheid van het systeem. Het aantal schuldenaren neemt de komende periode toe, hun problematiek wordt steeds ingewikkelder en diverser en crediteuren krijgen steeds meer invorderingsbevoegdheden die oplossingen in de weg staan. In dit memo schetsen wij kort de belangrijkste problemen in de huidige uitvoeringspraktijk, onze toekomstverwachtingen, de maatregelen die naar ons idee nodig zijn om op de korte termijn de effectiviteit enigszins te vergroten en de fundamentele herinrichting die op de langere termijn nodig is om te voorkomen dat de uitvoering volledig vast loopt.

Uitvoering schuldhulpverlening is te complex en verdeeld georganiseerd
Kenmerkend voor de huidige uitvoeringspraktijk is onder meer dat:
1. er een groot scala is aan verschillende uitvoerders van schuldhulpverlening (gemeenten, kredietbanken, maatschappelijk werk, commerciële partijen en anderen) die er elk een eigen werkwijze op na houden;
- de grote en vele verschillen in werkwijze ertoe leiden dat crediteuren geen goed beeld hebben van wat de schuldhulpverlening precies doet en uit een ongemakkelijk gevoel daarover vaak weigeren;
- er verschillen zijn in de doelen die de schuldhulpverlening nastreeft (iedereen schuldenvrij of voor iedereen een hanteerbare schuldsituatie)
2. er fundamentele weeffouten zitten in systeem van certificering. De uitvoeringskosten zijn zo hoog dat het veld niet voor certificering kiest waardoor de kwaliteitswaarborgen waar crediteuren op wachten niet worden gerealiseerd;
3. crediteuren (juridisch) hele verschillende posities hebben waardoor ze onderling vaak tegengestelde belangen hebben en waar mogelijk voorkruipen (wat in een individueel dossier leidt tot een onoplosbare situatie of op zijn minst veel onrust en complexiteit bij het oplossen van de schuld);
· steeds meer crediteuren krijgen ‘eigen’ invorderingsbevoegdheden of een aparte invorderingspositie waardoor schuldenaren in een steeds ingewikkeldere positie terecht komen en de schuldhulpverlening steeds meer energie moet steken in het voorbereiden van een oplossing (denk hierbij naast IBG en CJIB ook aan energiebedrijven, zorgverzekeraars en de belastingdienst);
• de NVVK als branchevereniging convenanten afsluit met verschillende crediteuren die 1) onderling qua opzet flink verschillen en 2) leiden tot onduidelijkheid over de vraag of ook inwoners van gemeenten waar niet-NVVK leden actief zijn kunnen profiteren van de gemaakte werkafspraken;
4. gemeenten bij het oplossen van een schuldsituatie op allerlei manieren afhankelijk zijn van derden (van banken voor het verstrekken van een bankrekening, van de belastingdienst voor het toekennen van toeslagen, van uitkeringsinstanties voor het toekennen van uitkeringen etc.)
• de afhankelijkheden leiden in de praktijk tot lange doorlooptijden (aanvragen van bijvoorbeeld huurtoeslag bij de belastingdienst duurt al tien weken) die leiden tot ongeduld en onbegrip bij zowel crediteuren als schuldenaren. Want de langere doorlooptijd leidt er in de praktijk bijvoorbeeld toe dat schulden eerst nog verder oplopen voordat er een oplossing komt.
5. veel gemeenten nog onvoldoende invulling geven aan hun regierol;
• waardoor ketensamenwerking met andere partijen die nodig zijn voor een oplossing (verslavingszorg, GGZ, jeugdzorg etc.) niet van de grond komt en schuldenaren uitvallen;
• door niet te werken met aanbodsturing bij een financiering op basis van jaarlijks vastgestelde budgetten ontstaan er bij een stijging van de vraag direct allerlei wachtlijstproblemen;
• het ontbreekt aan een gedeelde visie op de juiste inzet op preventie en nazorg waardoor er veel energie zit in het ontwikkelen van dezelfde instrumenten terwijl we geen beeld hebben bij de effectiviteit van die instrumenten;
6. de opzet en uitvoering van wettelijke schuldsaneringen (Wsnp) voor veel crediteuren aantrekkelijker is dan de uitvoering van de gemeentelijke schuldhulpverlening (hardere eisen aan schuldenaren, transparanter, eenvoudiger en vaak met gelijke of hogere opbrengsten).

Het gevolg van al deze kenmerken is een veld waarin veel wordt overlegd, er geen gedeeld beeld is van de meest effectieve werkwijze, schuldenaren vaak uitvallen en crediteuren vaak weigeren mee te werken. De oplossingen die staatssecretaris Klijnsma aan het veld biedt (invoering wettelijk kader, extra geld etc.) leveren wel bijdragen, maar geen oplossing voor het fundamentele probleem in dit veld (te weten te complex en te verdeeld georganiseerd). Ook de individuele gemeenten zijn vanwege de juridische context (een stelsel dat bestaat uit een minnelijk en wettelijk traject) niet in staat de uitvoering fundamenteel anders te organiseren. Tot het uitbreken van de kredietcrisis (die in het schuldhulpverleningsdossier leidt tot bezuinigingen in het sociaal domein en een toename van de vraag), lag het voor de hand om via incrementele veranderingen (kleine aanpassingen) te werken aan het vergroten van de effectiviteit. De invoering van de zorgplicht of certificering zijn typische stappen die passen binnen een incrementele veranderingsstrategie. Wij constateren dat de wereld het afgelopen jaar fundamenteel is veranderd en de nieuwe context vraagt om fundamentele herontwerpen van het publiek domein. Alleen met een complete redesign zijn we in staat om op de langere termijn een sterk stijgende vraag bij gelijkblijvende of afnemende budgetten te bedienen op een manier die effectiever is dan de huidige praktijk.

De schuldhulpverlening staat de komende periode voor een hele ingewikkelde opgave
De schuldhulpverlening probeert als intermediair een oplossing te vinden waar zowel de schuldenaar als de crediteuren mee kunnen instemmen. De komende periode komt de schuldhulpverlening in een steeds ingewikkeldere positie doordat de vraag toeneemt, de schuldsituaties diverser en complexer worden, de budgetten niet toenemen en de bereidheid bij crediteuren om mee te werken onder druk komt:

1. schuldhulpverlenende organisaties zien dit jaar het aantal aanvragen gemiddeld al met een kwart toenemen. De branche gaat er vanuit dat het aantal aanvragen, mede onder invloed van de kredietcrisis, de komende periode nog verder toeneemt;
– er is niet alleen sprake van een toename van de vraag, maar ook van een verandering van de vraag. De ontmanteling van de AWBZ leidt ertoe dat mensen die voorheen binnen de zorg ondersteuning kregen om hun financiën op orde te houden, de komende periode op zichzelf worden teruggeworpen en zich voor ondersteuning gaan richten op de gemeente. Tegelijkertijd stijgt ook de groep hoger opgeleiden (met dure koophuizen) die door de recessie in de problemen komen. Voor de schuldhulpverlening betekenen deze ontwikkelingen dat de vraag diverser en complexer wordt en het hulpaanbod daar dus op moet worden aangepast.
2. de financiering van de schuldhulpverlening is geen openeinde regeling zodat de toenemende vraag met een vast budget moet worden opgevangen. Diverse gemeenten hebben de extra gelden die SZW recent beschikbaar stelde gebruikt om te korten op de structurele middelen voor schuldhulpverlening. Vanaf 2013 betekent dit in deze gemeenten een bezuiniging op de schuldhulpverlening. De gemeenten die dit niet hebben gedaan, staan in ieder geval voor de opgave de toename van de vraag op te vangen binnen de bestaande financiële kaders;
3. de nieuwe bevoegdheden van de zorgverzekeraars (bronheffing) en de belastingdienst (3 x 1.000 euro inhouden van betaalrekeningen en beslag leggen tot 80 in plaats van 90% bijstandsniveau) vormen samen met bestaande posities (IBG komt niet voor sanering in aanmerking en bepaalde boetes van het CJIB ook niet) een steeds groter probleem voor het bereiken van een oplossing. Crediteuren maken gebruik van hun (nieuwe) bevoegdheden die steeds vaker contraproductief op elkaar inwerken (door 1.000 euro van een rekening af te schrijven, kan iemand geen huur betalen, wat leidt tot een huisuitzetting). Dit soort kettingreacties leiden ertoe dat het steeds ingewikkelder wordt om een oplossing te vinden voor de veelal complexe schuldsituaties.
Het samenspel van een toename van de vraag (die diverser en complexer wordt), met afgebakende financiële kaders en crediteuren die steeds meer individuele mogelijkheden krijgen om vorderingen te innen op een manier die oplossingen in de weg staan, leidt op termijn tot een onhoudbare situatie. Gemeenten kunnen nog een hoop doen in het slimmer organiseren van de uitvoering, maar er zit een grens aan de mogelijkheden die er zijn om meer mensen, met ingewikkeldere problemen en hardnekkigere crediteuren te helpen voor eenzelfde bedrag. Met minder geld beter en meer schuldhulpverlening
4. Er zijn op de korte termijn maatregelen nodig om de vraag van morgen op te vangen Gemeenten en schuldhulpverlenende organisaties leven vandaag de dag in de realiteit dat ze gemiddeld maar een kwart van de schuldenaren die om hulp vragen een oplossing bieden en het aantal aanvragen maandelijks zien stijgen. Op korte termijn hebben ze niet alleen behoefte aan de kwaliteitsbodem die het wettelijk kader gaat bieden, maar ook aan instrumenten om sneller meer schuldregelingen te treffen.

Belangrijke stappen die op korte termijn tot een beperkte maar zeer noodzakelijke verbetering van de effectiviteit leiden zijn:
1. een integrale benadering van invordering door alleen concurrente en preferente crediteuren te onderscheiden (en niet de zorgverzekeraars een bronheffing toe te staan, de belastingdienst toe te staan dat ze direct geld van rekening schrijven en een lagere beslagvrije voet hanteren etc.) zodat de schuldenaar niet klem komt te zitten tussen allerlei invorderingsbevoegdheden en de schuldhulpverlening in korte tijd een dossier op orde kan brengen;
2. invoering van een early warning systeem zodat gemeenten snel een signaal krijgen dat het ergens mis gaat of dreigt te gaan (want hoe eenvoudiger de schuldsituatie des te sneller en goedkoper is de oplossing);
3. invoering van een uitgeklede vorm van certificering (alleen certificeren op organisatieniveau) zodat crediteuren enigszins vertrouwen in de uitvoering kunnen krijgen (zoals recent door de NVVK is besproken);
4. invoering van de AmvB die regelt dat de aflossingscapaciteit van een schuldenaar die in de Wsnp zit in de eerste plaats wordt aangewend om de bewindvoerder te betalen (zodat er een flink financieel verschil ontstaat met een gemeentelijke regeling en de Wsnp in ieder geval financieel een stok achter de deur vormt);
5. snelle invoering van de regels die worden voorbereidt om de praktijken van incassobureaus aan banden leggen om allerlei ongeoorloofde bedragen te eisen bij de inning van vorderingen;
6. ondersteuning aan gemeenten om vorm te geven aan hun preventie- en nazorgbeleid (bestaande uit bewezen effectieve instrumenten) zodat de kraan wordt dichtgedraaid en we niet blijven dweilen met de kraan open.

Op de langere termijn is een fundamenteel redesign nodig
De maatregelen in de vorige paragraaf zijn noodzakelijk om op korte termijn de effectiviteit te vergroten, maar onvoldoende om te voorkomen dat het huidige stelsel van schuldhulpverlening op termijn compleet vastloopt. We zien nu al dat rechtbanken mensen toelaten tot de wsnp als wachtlijsten te lang zijn. Extra geld en een wettelijke zorgplicht die gemeenten verbiedt om een wachtlijst te hebben, zullen in het complex georganiseerde veld als de schuldhulpverlening niet de oplossing blijken. Met een eveneens stijgende vraag houden we met extra geld de inefficiënties en complexiteit gewoon in stand. Om werkelijk een slag te maken en de huidige effectiviteit te vergroten van 25 naar ergens rond de 80 procent is een hele andere opzet van de uitvoering nodig. Gedachten die wij de moeite waard vinden om in dit kader te verkennen zijn bijvoorbeeld:

1. de efficiencywinst die is te boeken door de scheidslijn tussen het minnelijk en wettelijk traject op te heffen, waarin het uitgangspunt is dat iedereen de zo licht mogelijke hulp krijgt, maar waarin het ook zo is  georganiseerd dat er altijd een oplossing wordt aangeboden (in uiterste consequentie afgedwongen door de rechter);
2. invoering van een nieuwe werkwijze die is gebaseerd op de opzet van de eerste hulp in een ziekenhuis. Kenmerkend hiervoor is dat er bij aanmelding een screening plaatsvindt om de ernst van de situatie te bepalen. Afhankelijk van de ernst wordt iemand direct, snel of op een later moment geholpen. Een dergelijke opzet biedt mogelijkheden om het aanbod (de vraag) te coördineren en voorkomt dat er direct wachtlijsten ontstaan als de vraag toeneemt (want iedereen krijgt direct na aanmelding hetzelfde aanbod);
3. integrale uitvoering in het kader van de WMO zodat het probleem ook voor de lange termijn bij de schuldenaar wordt opgelost.

Vanuit onze verschillende maar oprechte betrokkenheid bij de uitvoering van schuldhulpverlening, willen wij de staatssecretaris en de G4 graag ondersteunen om een redesign voor de langere termijn te ontwerpen zodat de uitvoering de komende jaren niet compleet vastloopt op een toename van de vraag bij gelijkblijvende of afgenomen budgetten. Wij zijn er van overtuigd dat meer geld niet de oplossing is voor de huidige problematiek, maar dat de werkelijke oplossingen liggen in het versimpelen van de uitvoering en het daadwerkelijk oplossen van de knelpunten rondom de schuldenaar. Wij gaan graag de uitdaging aan om dat te bewijzen!"

Zonder 285 -verklaring toch in de Wsnp.

Een lezer zond mij een niet gepubliceerde uitspraak van de Rechtbank Leeuwarden d.d. 16 september 2008 waarin een aanvrager werd toegelaten ondanks het ontbreken van een artikel 285 Fw-verklaring, omdat de Rechtbank zich voldoende voorgelicht achtte over de toestand van de aanvrager.

De inzender voegt daaraan toe:

"Vanaf september 2008 is in Leeuwarden dus geen verklaring meer nodig. Het probleem is dat de administratieve organisatie van de rechtbank zo is ingericht dat er beslist een nummer van de verklaring moet worden ingevuld. De rechtbank vraagt dus een soort pro forma verklaring. Met GKB Friesland (thans Kredietbank Nederland) hebben wij de afspraak dat men een verkorte verklaring afgeeft (vermelding naam en adresgegevens + nummer van de verklaring). Er is geen inhoudelijk toetsing, behalve als het een eigen dossier van GKB betreft.

Ook rechtbank Leeuwarden kan niet om de wet heen en dient het minnelijk traject te toetsen. Bij particuliere zaken toetst de rechtbank het minnelijk traject inhoudelijk. Bij ondernemers en (ex)ondernemers waar nog actief is, hoeft geen minnelijk traject worden uitgevoerd volgens de rechtbank. Dit actief kan in het belang van de gezamenlijke schuldeisers het beste worden vereffend door de bewindvoerder. De NVVK gedragcode is zodanig ingericht, dat bij actief niet eens gesaneerd kan worden!

Een enkele maal wordt een particulier toegelaten die geen minnelijke traject heeft doorlopen. Helaas heeft de rechter de toelating in het vonnis niet nader toegelicht. Vaak gaat het om personen die onnodig lang aan het lijntje zijn gehouden in het schuldhulpverleningstraject. In de beleving van de kredietbank ligt de oorzaak vaak bij de cliënt".

Ik ben benieuwd naar de ervaringen van andere lezers over toelating tot de Wsnp zonder 285 verklaring. Ik vermoed dat daarbij ook sprake kan zijn van plaatselijke verschillen. Uitwisseling van informatie kan ook via de Linkedin Group waar ik dit artikel plaats onder "berichten".

Januari-nieuwsbrief Modus Vivendi verschenen

De digitale nieuwsbrief van Modus Vivendi is weer verschenen met drie interessante artikelen:

Van A naar Bezuinigen - over de schuldenproblematiek van middeninkomens door overbesteding "Van Armani naar C&A";

Basiscursus schuldhulpverlening - Modus Vivendi verzorgt vanaf dit jaar een integrale cursus schuldhulpverlening die leidt naar het NEN-examen schuldhulpverlening voor de modules A, C en D.

WSNP en curatele - een artikel over de maatregel van de curatele en dan in het bijzonder op deze maatregel zoals die voorkomt in de WSNP. Daarnaast wil het artikel trachten inzicht te verschaffen in de hoeveelheid werkzaamheden die een curatele dossier vergt tijdens de WSNP in vergelijking tot de werkzaamheden in reguliere niet-curatele dossiers.

Jaar in jaar uit levert Modus Vivendi ook door de nieuwsbrief een bijdrage aan de kwaliteit van de schuldhulpverlening.

Hogere stookkosten in de wintertijd

De Telegraaf heeft een artikel over hogere stookkosten als gevolg van de winterkou.

In de hoogte van de schuld wordt dat pas duidelijk in de eindafrekening.

"De thermostaat één graad hoger zetten betekent volgens stichting Milieu Centraal echter liefst 7% extra gasverbruik. „Van het jaarlijkse aardgasverbruik komt liefst 40 procent voor rekening van de wintermaanden. Stel dat een gemiddeld huishouden 10% meer gas gaat verbruiken op jaarbasis, dan kost dat met de huidige variabele gastarieven 56 euro aan levering en 36 euro aan belastingen extra,” berekent Hans de Kok van tarievenvergelijker Prizewize.nl.

Van belang voor consumenten om te beseffen is dat energiebedrijven elke maand een voorschot in rekening brengen, gebaseerd op iemands verbruik in het recente verleden. Na één kalenderjaar volgt de eindafrekening, waarbij soms geld terug wordt gegeven, maar soms ook moet worden bijbetaald".

Bekend uit de wereld van de schuldhulpverlening is het verhaal van de debiteur die hartje winter in een t-shirt op de bank zat met de thermostaat op 35 graden. Het blijft in het kader van budgetteren van belang erop te wijzen dat een laagje extra kleding is aan te bevelen als eerste middel om het warmer te hebben.

zondag 10 januari 2010

"Schulden, maak er werk van, nu en in de toekomst"

Op 2 februari 2010 wordt door HogeschoolinHolland en Daniels & Dekkers een studiedag over schuldhulpverlening gehouden in Rotterdam.

Onder de sprekers treft U vele bekenden.

De deelnameprijs ad EURO 75,00 is zonder meer concurrerend!

Voor inlichtingen, zie deze link.

donderdag 7 januari 2010

Grootste inkomensdaling van de eeuw

Het CBS maakte gisteren bekend dat in het derde kwartaal van 2009 huishoudens de scherpste inkomensdaling van deze eeuw beleefd. Het beschikbare inkomen daalde met 3 miljard euro, ofwel 3,3 procent, in vergelijking met een jaar eerder.

Dit zal doorwerken in het beroep dat op schuldhulpverlening wordt gedaan. Inkomensdaling kan leiden tot verstoring van een wankel evenwicht met alle gevolgen van dien.

Brugfunctie van de Kerk naar gemeentelijke schuldhulpverlening

Op de Linkedin Groep is door een deelnemer de volgende interessante discussie opgeworpen: "Moet de rol van de kerk niet groter zijn als brug naar de schuldhulpverlening en de gemeenten?" De deelnemer verwijst daarbij naar het onderzoek dat in 2010 zal plaatsvinden naar de manier waarop kerkelijke diaconale instellingen zich bezig houden met problematische schuldsituaties.

Deze vraag is actueel en boeiend. In het kader van de WMO is aandacht voor de rol van kerkgenootschappen bij maatschappelijke ondersteuning. Door een motie van de CU is voor de financiering daarvan zelfs  budget aanwezig. Het zou jammer zijn als dit buget niet werd besteed.

Ook niet gesubsidieerd zie ik mogelijkheden genoeg voor kerkelijke caritasinstellingen bijvoorbeeld door verwijzing maar hulpverlening maar ook en wellicht nog meer door begeleiding van mensen in problematische schuldsituaties tijdens de regeling zowel bij ordening van de schoenendoos met nota's als coaching om uit te komen met het bescholbare budget.

Deelnemers aan de Linkedin Groep worden ook op deze plaats van harte uitgenodigd hierop hun licht te laten schijnen. Het zou mooi zijn als aan de hand van de inbreng een publicatie kon worden opgesteld waarmee debiteuren en kerkgenootschappen geholpen zouden zijn.

150 schrijnende gevallen onder DSB-debiteuren?

Volgens het FD hebben de curatoren van DSB na onderzoek onder 600 debiteuren 150 schrijnende gevallen aangetroffen in acute financiele problemen met wie een tijdelijke regeling is getroffen om de bestedingsmogelijkheden te verruimen. Dit aantal valt mee waarbij echter niet duidelijk is welke criteria zijn aangelegd en wat de tijdelijke regeling inhoudt. De slachtofferstichting lijken een beetje stil gevallen.

Het is jammer dat de stichting Hypotheekleed haar aandacht lijkt te hebben verlegd en anders dan eerder aangekondigd geen actie onderneemt tegen de looncessie. De looncessie leidt er in de praktijk toe dat debiteuren worden beperkt in hun mogelijkheden een beroep te doen op schuldregeling.

Ik hoop niettemin dat in 2010 desnoods tot aan de Hoge Raad een proefprocedure kan worden gevoerd in een representatieve zaak teneinde duidelijkheid te genereren over de rechtsgeldigheid met name in het geval van problematische schuldsituaties.

Meer aanvragen schuldhulpverlening

BN/De Stem meldt dat in Oosterhout in het derde kwartaal van 2009 het aantal aanvragen toenam van "ruim tachtig in juli tot bijna honderd in september".

PZC meldde een relatieve toename van het aantaal 55-plussers onder de aanvragers.

dinsdag 5 januari 2010

"2010: jaar van schuldenaar of crediteur"

Nadja Jungmann schreef op sociaaltotaal.nl een nieuwjaarsartikel dat ik aan de lezers gaarne aanbeveel.

Bij vergelijking met "Waar gaan we in het nieuwe jaar naar toe - shv" blijkt dat sprake is van vele punten van gelijkgerichte verwachting zonder dat hierover vooroverleg heeft plaats gevonden.