vrijdag 30 januari 2009

Budgetbureau Vlaardingen introduceert inloopspreekuur

Op werkdagen is het voortaan in Vlaardingen iedere dag mogelijk gebruik te maken van inloopspreekuur op het terrein van schuldenproblematiek, budgetbeheer daaronder begrepen. De schuldhulpverlening in Vlaardingen wordt uitgevoerd in samenwerking met de Stadsbank Midden-Nederland. Zie persbericht

Steeds meer gemeenten in Nederland gaan over tot introductie van inloopspreekuur. Dat is loffelijk maar er dient dan wel voldoende capaciteit beschikbaar te zijn om aan het eerste contact een voortvarend vervolg te geven. Gebeurt dat niet dan bestaat het risico dat hulpvragers ontmoedigd raken en in volgende gevallen geen beroep op hulpverlening te doen.

In het recente SZW-rapport "Schulden. De gemeente helpt", geschreven door Nadja Jungmann komt naast het begrip wachttijd ook het begrip doorlooptijd aan de orde. Deze begrippen zullen een rol moeten spelen bij de invulling van de zorgplicht. Ook zal daarbij gemeten moeten worden wat het resultaat van de interventie van de hulpverlening is bijvoorbeeld in kwijtgescholden schuldvolume.

Steeds meer gemeenten in Nederland willen de kwaliteit van de schuldhulpverlening meten, ook in het licht van de grote bedragen die de afgelopen jaren voor schuldhulpverlening ter beschikking zijn gesteld. Ontwikkeling van criteria die kunnen worden gekwantificeerd kan leiden tot een eindcijfer. Na benchmarking kan dan worden bekeken wat best practices verklaart.

Wij kijken uit naar de notitie van SZW over de zorgplicht, die als het goed is deze maand door de nieuwe staatssecretaris Klijnsma zal worden aangeboden aan de Tweede Kamer. Zie eerder bericht hierover.

donderdag 29 januari 2009

Breaking News weblog Martijn Schut: looptijd minnelijk traject "back to normal" Bijlage certificering "in de prullenbak"

Martijn Schut meldt op zijn weblog dat de NVVK is teruggekomen van het standpunt als onderdeel van de certificering (die bedoeld is de formele kwaliteit van de werkwijze te regelen) ook inhoudelijk het minnelijk traject ingrijpend te wijzigen door dat tot vier jaar te verlengen voor degenen die (iets) meer verdienen (in ruil voor vereenvoudiging van de werkprocessen van schulpverlening).

“Op 19 februari jl. is er overleg geweest tussen de VNG, G4, Tilburg en de NVVK over de NEN-normen voor de schuldhulpverlening en in het bijzonder de norm met betrekking tot de looptijd van de schuldregeling. De conclusie is dat gemeenten ook in de certificering beleidsvrijheid hebben bij het bepalen van de looptijd en de toepassing van factor X. Besloten is dat de gemeenten gezamenlijk een beleidskader gaan schrijven waarbij wordt aangesloten bij de uitgangspunten van de WSNP. Uitgangspunt wordt een aflossingstermijn van 36 maanden tenzij…De tenzij is afhankelijk van de persoonlijke omstandigheden, mate van verwijtbaarheid etc. en dus NIET van het aflosbedrag (factor X)”.

Eerder schreef NVVK-voorzitter Jaarsma hierover op mijn weblog: “Deze oplossing, waarbij de NVVK voor 75% van de klanten alsnog 36 maanden looptijd, en voor 25% 36 maanden 100% aflossing en maximaal 24 maanden 50% aflossing uit het vuur heeft gesleept, is dan een hele goede gezien het uitgangspunt van beide kampen”.

Aangenomen moet worden dat de G4 en de VNG hebben laten weten niet te zullen meewerken aan de verlenging waarbij wie meer verdient langer moet betalen en waarbij in het minnelijk traject wordt afgeweken van het (wettelijk vastgelegd) uitgangspunt van het wettelijk traject van 36 maanden.

Het bestuur van de NVVK heeft daarop kennelijk toch besloten tot wijziging van haar standpunt dat eerder toen deze kwestie -onder meer op mijn weblog- werd aangesneden en critisch beschouwd, door de NVVK tot geloofsartikel leek te zijn verheven. Zie mijn artikel “NEN-norm a priori omstreden”.

De NEN-normcommissie heeft ten onrechte gemeend op de stoel van de wetgever te kunnen gaan zitten en in het minnelijk traject op een principieel punt van de wettelijke regeling te kunnen afwijken, maar dat had misschien ook te maken met de opvatting dat "de WSNP in de prullenbak kan". In ieder geval is nu de bijlage van de NEN-norm waarin de looptijd wordt verlengd, verwezen naar de prullenbak.

Het verheugt mij te constateren dat het zelf-corrigerend vermogen van de hulpverleningsbranche die zich bezig houdt met het minnelijk traject, kennelijk voldoende is gebleken na de interventie van G4 en VNG. Te doen heb ik met degenen die -ook in communicatie met mij- niet zelden op emotionele wijze meenden te moeten kiezen voor loyaliteit aan eerdere evident foutieve besluitvorming als onderdeel van de partijdiscipline en die nu moeten constateren dat de NVVK gewoon even de bakens heeft verzet en de geloofsinhoud heeft gewijzigd.

Flexibilisering van de looptijd onder handhaving van het uitgangspunt "36 maanden betalen volgens VTLB-norm" is toe te juichen als onderdeel van maatwerk: de slagingskans neemt daardoor toe. Verlenging van looptijd als straf voor meer-inkomen is van de baan - en dat is maar goed ook!

Wachttijd schuldhulpverlening Arnhem zes maanden

De Gelderlander meldt dat de wachttijd bij het Budgetadviescentrum (BAC) in Arnhem is opgelopen tot zes maanden. Voor budgetbeheer is de wachttijd zeven tot acht maanden.

De wachttijd hangt samen met de toeloop van cliënten. Uit de gemeente Arnhem deden 1000 personen een beroep op het BAC.

“Eind 2009 moeten de wachtlijsten tot 'aanvaardbare proporties' terug zijn gebracht, zo wil het gemeentebestuur. " Met een wachttijd voor mensen tot maximaal drie weken", aldus de woordvoerder. Om dit mogelijk te maken moet het aantal hulpverleners fors worden uitgebreid. "Er zijn nu net zes nieuwe consulenten ingewerkt en dat begint vruchten af te werpen. Voor inkomensbeheer worden nu vier nieuwe consulenten geworven. Tegelijkertijd wordt gekeken naar mogelijkheden voor efficiënter werken."

woensdag 28 januari 2009

Meer aandacht voor SHV bij premie-achterstand zorgverzekering

Kamerleden hebber er volgens de Telegraaf van gisteren bij het AO VWS op aangedrongen, dat bij invoering van de voorgenomen wetgeving over premie-achterstanden zorgverzekering schuldhulpverlening uitdrukkelijker onder de aandacht van de debiteur worden gebracht.

Ook moet ervoor worden gewaakt dat debiteuren niet onder het sociaal minimum terecht komen na toepassing bronheffing.

Toekomstige ministeriële regeling VWS voor kwijtschelding premieschulden

Op 26 januari 2009 heeft de Minister van VWS aan de Tweede Kamer een nota van wijziging aangeboden bij het wetsvoorstel structurele maatregelen wanbetalers zorgverzekering aangeboden.

De relevante passage met toelichting luidt:

Artikel IX:

6. Bij ministeriële regeling wordt bepaald onder welke voorwaarden en in welke mate zorgverzekeraars reeds op de datum van inwerkingtreding van deze wet bestaande premieschulden kunnen kwijtschelden zonder dat dit gevolgen heeft hun recht op een bijdrage voor het onverminderd verzekerd houden van de betrokken verzekerden.


Toelichting:

Zoals in het voorgaande is aangegeven, dienen ook deze wanbetalers een betalingsregeling aangeboden te krijgen die er niet alleen op is gericht dat nieuw vervallende premietermijnen worden voldaan, maar ook dat de bestaande schuld wordt afbetaald. Komt het niet tot een betalingsregeling tussen zorgverzekeraar en wanbetalers, dan zal de zorgverzekeraar, na de vierdemaandswaarschuwing, de wanbetaler zo snel mogelijk voor de bestuursrechtelijke premie aanmelden. Komt het wel tot een regeling, dan kan de wanbetaler, zolang hij zich aan de in de regeling neergelegde afspraken voldoet, niet voor die premie worden aangemeld (art. 18b, derde lid, juncto art. 18c, derde lid Zvw). Zorgverzekeraars Nederland (ZN) heeft aangegeven dat het voor de zorgverzekeraars ondoenlijk is om voor iedere bestaande wanbetaler een individueel betalingsarrangement te treffen, gericht op het afbetalen van de reeds opgebouwde schulden. In plaats daarvan zullen de zorgverzekeraars de wanbetalers naar de schuldhulpverlening verwijzen. ZN verwacht dat in het kader van de schuldhulpverlening de verzekeraars regelmatig zal worden gevraagd, om, onder de voorwaarde dat de wanbetaler een deel van de schuld afbetaalt, de restantschuld kwijt te schelden. De zorgverzekeraars hebben aangegeven hiertoe bereid te zijn, mits dit er niet toe leidt dat zij, wegens het verrichten van onvoldoende incasso-inspanningen, hun recht op hun bijdrage voor het verzekerd houden van wanbetalers verliezen. Zij hebben gevraagd de voorwaarden waaronder zij een schuld die een wanbetaler bij hen heeft opgebouwd mogen kwijtschelden, bij ministeriële regeling vast te leggen. Voorliggende wijziging voorziet daarin.

Uitzending gemist: huishoudportemonnaie 2009

Op deze link kan de uitzending van NOS-Netwerk van gisteren worden bekeken, waarin het NIBUD uitlegt wat in 2009 financieel de verwachte situatie zijn voor de verschillende inkomenscategorieën.

In het persbericht van het NIBUD van 20 januari 2009 worden al voorbeelden gegeven van de koopkrachtontwikkeling.

Op 20 januari 2009 schreef ik al over de nieuwe buffer-berekenaar die het NIBUD heeft ontwikkeld.

Naast koopkrachtontwikkeling bij gelijkblijvend inkomen is er de koopkrachtverandering bij gewijzigd inkomen bijvoorbeeld als gevolg van werkloosheid. Hoe eerder een huishouden waarin sprake is van inkomensdaling nadenkt hoe daarmee moet worden omgegaan, hoe groter de kans dat ook op het gedaalde inkomensniveau evenwicht kan worden bereikt en bewaard.

maandag 26 januari 2009

Mededeling Sociale Verzekeringsbank (SVB)

Op 1 januari 2009 is een wijziging doorgevoerd in zowel de AOW, Anw als AKW (kinderbijslagwet). Deze wetswijziging maakt het voor de SVB mogelijk om mee te werken aan een zogeheten minnelijke schuldregeling. Een minnelijke schuldregeling gaat vooraf aan een eventuele schuldsanering of een faillissementsaanvraag en is bedoeld om deze gerechtelijke trajecten te voorkomen. De regeling houdt in dat iemand met grote schulden een bepaalde tijd genoegen neemt met een minimuminkomen. Alle inkomsten boven dat bedrag worden verdeeld over de schuldeisers. Daar staat tegenover dat alle resterende schulden na het einde van het traject van maximaal drie jaar worden kwijtgescholden

Zie mededeling

Initiatief-wetgeving in aantocht in Belgie betreffende incassokosten

De Belgische Ministerraad heeft vandaag het voorontwerp tot wijziging van de wet van 20 december 2002 betreffende de minnelijke invordering van schulden van de consument goedgekeurd.

Het voorontwerp is gebaseerd op het wetsvoorstel dat CD&V kamerlid Katrien Partyka op 17 oktober vorig jaar indiende (ref. 52 1500). De uitbreiding tot de gerechtsdeurwaarders werd nadien ook voorzien in de beleidsnota armoedebestrijding d.d. 3 november 2008 van staatssecretaris Delizée.

Door de uitbreiding – die ook geldt voor advocaten – wordt een eind gemaakt aan de misbruiken van sommige gerechtsdeurwaarders die aan consumenten kosten aanrekenen die niets te maken hebben met gerechtelijke procedures. De deurwaarders zullen voortaan bij niet-gerechtelijke invorderingen dezelfde regels moeten respecteren als de incassokantoren: ze mogen alleen nog kosten aanrekenen die ook de oorspronkelijke schuldeisers aanrekenen. De deurwaarders vielen tot nu toe slechts gedeeltelijk onder de wet op de minnelijke invordering van schulden, wat aanleiding gaf tot misbruiken, bijvoorbeeld deurwaarders die de oorspronkelijke schuld fors verhoogden met allerlei niet voorziene kosten.

Ook zullen de deurwaarders duidelijker ingebrekestellingen moeten gebruiken, zodat de consument weet of hij nu al dan niet voor de rechtbank wordt gedaagd. Consumenten gaan er immers bijna altijd van uit dat een brief van een gerechtsdeurwaarder een dagvaarding voor de rechtbank inhoudt, wat zeker niet altijd het geval is.

Kamerlid Katrien Partyka is tevreden omdat met de wetswijziging wordt tegemoetgekomen aan een algemene vraag van de schuldbemiddelingsdiensten in het noorden en het zuiden van het land. Ook de Vlaamse, Waalse en Brusselse OCMW’s vroegen de gelijkschakeling van deurwaarders en incassokantoren omdat zij misbruiken vaststelden in hun schuldbemiddelingsdossiers. En ook de sector van de incassokantoren vroeg een gelijkschakeling, omdat zij een oneerlijke vorm van concurrentie ondergingen door sommige gerechtsdeurwaarders.


Zie link

In Nederland verkeren wij in afwachting van regelgeving betreffende incassokosten, die door de Minister van Justitie bij het AO van 11 november 2008 vooral op aandrang van het LOSR-rapport is toegezegd. Zie mijn artikel "Kamerbreed draagvlak voor zorgplicht schuldhulpverlening".

dinsdag 20 januari 2009

NIBUD ontwerpt buffer-berekenaar

Sparen wordt weer mode in plaats van ietwat achterlijke hobby van zonderlinge lieden.

RTL4 heeft vandaag aandacht besteed aan de activiteiten van het NIBUD om te bevorderen, dat Nederlanders geld opzij leggen, leningen aflossen en sparen voor slechtere tijden.

Sparen is van belang nu enerzijds de koopkracht van werkenden er niet op achteruit gaat en anderzijds door velen gerekend zal moeten worden met de mogelijkheid van toekomstige werkeloosheid

Het Nibud heeft een instrument ontwikkeld om de (minimale) omvang van de buffer te berekenen: de bufferberekenaar.

De journalist van de Volkskrant die denkt dat de RK Kerk zich in haar moraal zou moeten richten naar de waan van de dag kan hierdoor leren dat ook in Nederland in korte tijd mentaliteitsveranderingen mogelijk blijken, zeker als de omstandigheden daartoe nopen. Zie ook “Het ‘charisma’ van paus Benedictus XVI”.

maandag 19 januari 2009

Schuldhulpverlening Schouwen-Duiveland wordt gereorganiseerd

In de aanloop naar openbare aanbesteding wordt het meldpunt schuldhulpverlening tijdelijk verplaatst naar het loket Werk Inkomen en Zorg (WIZ) van de gemeente Schouwen-Duiveland.

Voordien was sprake van een samenwerkingsverband tussen het locaal maatschappelijk werk en de Kredietbank Breda.

Wethouder Houtekamer verklaart in een interview in PZC van zaterdag 17 januari 2009 dat het de bedoeling is integrale schuldhulpverlening te gaan uitvoeren, terwijl er voordien alleen werd gewerkt vanuit de financiële invalshoek.

Meer details over de schuldhulpverlening zijn te vinden in de documenten van de openbare aanbesteding: op jaarbasis ca. 150 aanmeldingen; hieruit volgen ca 60 eenmalige adviesgesprekken en 90 aanmeldgesprekken, waarvan ca 30 volledige schuldhulpverleningstrajecten.

Dit volume beschouwend rijst de vraag of het nu de bedoeling is dat voor deze beperkte hoeveelheid werk het zware instrument van de openbare aanbesteding wordt ingezet. Tijd voor advies van Dr. Nadja Jungmann en Prof. Jan Telgen? (Dit is geen verzoeknummer of reclameboodschap, maar niet meer (en niet minder dan) een ... observatie).

Geen moratorium voor Groningse recidivist

Ook de Rechtbank Groningen heeft (terecht) geen consideratie met een ex-saniet, die opnieuw in een problematische schulden komt te verkeren. In dit geval was betrokkene van toegelaten tot de Wsnp van 2 november 2004 tot en met 2 november 2007. Direct daarna was hij gestopt met het betalen van de huur.

De rechtbank overwoog, dat afwijzing van het verzoek om toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling in de rede lag gelet op de inhoud van art. 288 lid sub d FW.

Deze omstandigheid plus het feit dat verzoeker vrijwel onmiddellijk na beëindiging van schuldsanering is opgehouden zijn vaste lasten te voldoen, maakt dat niet van de woningbouwvereniging kan worden gevergd haar belang achter te stellen bij het belang van verzoeker.

Het moratoriumverzoek werd mitsdien afgewezen (en de debiteur ontruimd). Dit was voorzienbaar. Vraag rijst waarom de zaak dan toch aan de rechter is voorgelegd. De debiteur had beter met de pet rond kunnen gaan binnen de familie als hij toch wilde proberen om in de woning te blijven. Vermoedelijk had dat trouwens gelet op de (niet-)betalingsgeschiedenis ook niet geholpen.

De uitspraak sluit aan bij de eerder besproken Amsterdamse uitspraak "Geen t0elating Wsnp na verprutst moratorium".

Hulpverleners doen er goed aan debiteuren zoveel mogelijk te doordringen van de ernst van de situatie. Helpt dat niet en komen er toch nieuwe schulden, dan kan het therapeutisch nuttig zijn dat het toch op ontruiming aan komt.

De uitspraak is van 18 december 2008 en op rechtspraak.nl te raadplegen onder LJN-nummer BH0055.

vrijdag 16 januari 2009

Kerstbonus niet vatbaar voor beslag

Staatssecretaris Klijnsma heeft gisteren de vragen beantwoord over de zogenaamde Kerstbonus, waarop ik op dit weblog eerder heb geschreven.

Het antwoord was te voorspellen en is voorspeld:

“De eindejaarsuitkering van 50 euro voor de minima wordt verstrekt als bijzondere bijstand (art. 35 WWB) en is derhalve niet vatbaar voor beslag (art. 46 lid 2 WWB). Het is dus wettelijk niet toegestaan beslag te leggen op de eindejaarsuitkering van 50 euro voor minima”.


Het antwoord heeft op het informatiesysteem van de Tweede Kamer volgnummer 1218.

Het bureau WSNP liet direct nadat de Kamervragen waren gesteld, mij desgevraagd weten, dat ook WSNP-bewindvoerders gelijkluidend waren geïnformeerd, zie Reactie bureau WSNP op Kamervragen Kerstbonus.

Ingezonden brief: kosten van boek 1-bewindvoering

Geachte mevrouw Schruer,

Met pijn in het hart volg ik de discussie over de veronderstelde bewindvoerdersbende. Hier gaan de goeden lijden onder de kwaden, zoals zo vaak. Ons kleine kantoor op de Utrechtse Heuvelrug heeft een 15-tal beschermingsbewinden en een tweetal curatorschappen. Wij vatten een beschermingsbewind ook op als zodanig en proberen onze cliënten te behoeden voor de boze buitenwereld, d.w.z. voor de wereld zoals zij die ervaren.

Als er straks opnieuw eisen worden gesteld, met wellicht net zoveel kosten als verbonden aan de certificering van de schuldhulpverlening, dan kunnen we wel opdoeken, dat is niet meer te behappen. Goedwillende en goedwerkende kantoren gaan ten onder aan de gevolgen van op zich broodnodige, maar onbetaalbare, kwaliteitssystemen. De boeven blijven over, die verzinnen wel een andere manier zich te verrijken aan hulpeloze mensen.
Zegt u nou zelf: dat kan toch niet de bedoeling zijn!

Met vriendelijke groet,
SVF Gelderse Vallei & Utrechtse Heuvelrug


Paul Rispens

http://www.svf.nl/

Naschrift HS:
Deze brief raakt aan een discussie die (besmuikt) ook in ontwikkeling is over de kosten van de certificering minnelijk traject. Bij de ontwikkeling van kwaliteitssystemen lijkt het soms zo te zijn dat er weinig aandacht is voor de kosten/baten analyse van de verschillende onderdelen van de kwaliteitsbewaking. Ook bij de WSNP bestaat een jarenlange ervaring met zware kwaliteitseisen, maar het is mij niet bekend dat daarbij kosten/baten analyse een rol heeft gespeeld, mogelijk omdat de kwaliteitskosten verondersteld worden gedekt te worden uit de vergoeding.

Kosten boek 1-bewind kunnen -net als kosten WSNP- zo nodig uit de bijzondere bijstand worden gedekt, waarbij de met branche-eisen samenhangende meerkosten zich juist in dit geval wel vertalen in de hoogte van de toe te kennen vergoeding volgens de LOK-aanbevelingen. Als het maatschappelijk gewenst is kwaliteitseisen op te schroeven moeten voor daarmee gemoeide meer-kosten een regeling worden getroffen. De schrijver wijst er voorts terecht op dat niet alleen kwaliteitseisen maar ook voorafgaande integriteitstoetsing (inclusief antecedentenonderzoek) van belang is voor de selectie van betrouwbare bewindvoerders.

donderdag 15 januari 2009

Beroep op Stadsbank Oost-Nederland neemt toe

Tubantia meldt vandaag, dat de Stadsbank Oost Nederland een stijging kent “van enkele procenten” van het aantal mensen dat aanklopt voor hulpverlening.

Hoeveel de groei nu bedraagt is uit het ietwat wazige artikel niet op te maken nu voor een en dezelfde periode verschillende getallen worden genoemd. Misschien dat ook in dit geval expert lezers kunnen laten weten wat de juiste getallen zijn –als refertewaarde voor andere gemeenten die dit weblog lezen.

Reactie Gemeente Dordrecht over wachtlijstproblematiek

Beste mevrouw Schruer,

Ik wil graag nog even reageren op het bericht op uw weblog: "Wachtlijst schuldhulpverlening Dordrecht opgelopen tot 4 maanden".

Ik deel uw mening dat de grotere bekendheid met het verschijnsel schuldhulpverlening bijdraagt aan de stijging van de vraag. Daar komt bij dat we het laatste jaar ook druk doende zijn om de samenwerking met de zorgketenpartners (denk aan het Boumanhuis, Leger des Heils, APZ-instelling) en de regionale woningcorporaties te versterken. Omdat dit voor ons belangrijke verwijzers draagt ook dit naar mijn idee bij aan de door u aangehaalde grotere bekendheid en de stijging van de vraag.

In uw reactie stelt u de vraag hoe de toestand in Dordrecht over 6 maanden zal zijn. Wat betreft de ontwikkeling van het aantal klanten verwachten ook wij een verdere stijging en het is inderdaad de vraag in hoeverre dit onze doelstelling om de wachtlijst binnen afzienbare tijd weer terug te dringen naar het maximum van 30 dagen dat wij nastreven, in de weg zal staan. Hier staat tegenover dat het bestuur in deze regio onlangs heeft besloten meer te investeren in schuldhulpverlening, onder andere door hier extra capaciteit voor vrij te maken.

Wat betreft de wachtlijstproblematiek is het m.i. interessant om bij onderlinge vergelijkingen tussen gemeenten ook eens in te zoomen op de definitie van wachtlijst aangezien gemeenten naar mijn verwachting hier heel verschillend mee omgaan. Hier in de Drechtsteden (we kennen in deze regio een gemeenschappelijke sociale dienst voor 6 gemeenten, waaronder Dordrecht, in totaal een gebied met 260.000 inwoners) gaan we uit van de tijd die verstrijkt tussen het moment dat een klant de voor het starten van een traject benodigde gegevens compleet heeft en het daadwerkelijk starten van dit traject door de schuldhulpverleningsconsulent. Een klant kan echter altijd wel direct terecht voor wat wij noemen de quick scan, waarbij onder meer gekeken wordt of de klant bij ons op het juiste adres is en waarbij ook advies wordt gegeven. Klanten die in een crisissituatie verkeren worden daarnaast buiten de wachtlijst om direct geholpen.

Als laatste heb ik de behoefte om het citaat in het krantenartikel met betrekking tot het slagingspercentages wat toe te lichten. In tegenstelling tot wat het citaat aangeeft heb ik in mijn gesprek met de betreffende journalist niet gesproken over "teleurstellend werk". Ik ben ook van mening dat het juist zeer uitdagend en enorm zinvol werk betreft. Wat ik wel heb aangegeven is dat je als schuldhulpverlener om moet kunnen gaan met het gegeven dat je veel tijd en energie stopt in trajecten met klanten, waarbij desondanks regelmatig niet het beoogde resultaat wordt behaald. Met name doordat dit resultaat van vele factoren en partijen afhankelijk is. Uiteraard kan ik niet bewijzen dat dit een rol speelt bij de geringe animo die wij op dit moment ervaren voor vacatures binnen de afdeling schuldhulpverlening. Het is voor mij echter wel opvallend dat we ook in interne procedures nauwelijks reacties krijgen van collega's die de overstap willen maken. Dit in tegenstelling bijvoorbeeld tot vacatures bij het onderdeel WMO (waar ik ook verantwoordelijk voor ben) waar zich altijd ook de nodige interne kandidaten voor melden.
Ik ben zelf ook benieuwd of het probleem dat wij ervaren bij het invullen van vacatures een regionaal probleem is of dat dit overeenkomt met het landelijke beeld.

Met vriendelijke groet,

Alex Buchinhoren
Sociale Dienst Drechtsteden.


Naschrift HS:
Andere gemeenten worden gaarne uitgenodigd te laten weten hoe zij de wachtlijst definieren en of ook zij wervingsproblemen ervaren voor vacatures shv-consulenten.

Minister van Justitie antwoordt op kamervragen "Bewindvoerdersbende"

De Minister van Justitie heeft gisteren de drie series Kamervragen over boek 1-bewind naar aanleiding van de Zembla uitzending “De bewindvoerdersbende” op 16 november 2008, beantwoord. De referentienummers van de antwoorden zijn: 1164, 1182 en 1183.

Nieuw is dat de Minister aankondigt dat een wetsvoorstel in voorbereiding is om de kwaliteit van de boek 1-bewindvoerders te verzekeren. “Het wetsvoorstel dat thans bij mijn ministerie in voorbereiding is zal een wettelijke grondslag bevatten waardoor bij algemene maatregel van bestuur kwaliteitseisen zullen kunnen worden gesteld aan alle bewindvoerders die niet uit de directe familiekring van de rechthebbende afkomstig zijn. Bij het stellen van kwaliteitseisen zal ik mij zeker doen inspireren door bedoeld Reglement van kwaliteit” (van de branchevereniging).

Het toezicht heeft de aandacht van de Kantonrechters en in sommige gevallen worden interne bureaus ingesteld voor het toezicht op de boek 1-bewindvoeringen. Het is niet de bedoeling het Bureau Financieel Toezicht (BFT) daarbij in te schakelen.

De Minister lijkt in algemene zin niet ontevreden met het toezicht door de branchevereniging. De problemen hebben zich voornamelijk voorgedaan bij bewindvoerders die zich daarbij niet hebben aangesloten.

Voor samenloop WSNP- en boek 1 bewind zie deze link.

woensdag 14 januari 2009

CDA stelt kamervragen over pandhuizen

De CDA Tweede Kamer-leden Spies, Blanksma-van den Heuvel en Van Hijum hebben vandaag vragen gesteld aan de staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over het artikel ‘Explosieve toename gebruik pandhuizen’, waarover ik gisteren heb geschreven op dit weblog.

Ik meld hierna de vragen met mijn prognose van het antwoord in cursief.

1 Heeft u kennisgenomen van het artikel ‘Explosieve toename gebruik pandhuizen’, dat stelt dat steeds meer Nederlanders de weg weten te vinden naar pandjesbazen en dat deze pandhuizen daarnaast steeds duurdere goederen krijgen aangeboden? 1)

Ja

2 Kunt u uiteenzetten hoeveel mensen goederen in onderpand geven? Is hier sprake van een daadwerkelijke groei van het aantal mensen dat gebruik maakt van pandhuizen?

Neen, wordt niet (objectief) gemeten.

3 Aan welke eisen moeten pandhuizen voldoen willen ze mensen hun diensten aanbieden?

Op dit moment geen regelgeving.

4 Is bekend of mensen die goederen bij pandhuizen achterlaten reeds schulden hebben gemaakt of al problemen hebben?

Neen, wordt niet objectief gemeten.

5 Hoe kan worden voorkomen dat door middel van gebruik van pandhuizen mensen toenemend verder in armoede verkeren?

Zorgplicht schuldhulpverlening komt eraan.

6 Wat is de huidige stand van zaken aangaande de aangepaste wet- en regelgeving op het gebied van pandhuizen?

Wordt aan gewerkt, maar de credit crunch vraagt thans alle aandacht.

dinsdag 13 januari 2009

Wachtlijst schuldhulp Dordrecht opgelopen tot vier maanden

Het AD meldt, dat in Dordrecht de wachttijd voor schuldhulpverlening vier maanden bedraagt. Dit hangt samen met een sterk toegenomen beroep op de hulpverlening.

“In de laatste zes maanden van 2007 meldden zich 708 mensen aan het loket en sinds juli vorig jaar 1035, een toename met 46 procent. Gemiddeld krijgen we 115 mensen per maand aan de balie, de laatste maanden van vorig jaar zo’n 160 tot 170,’’ zegt hoofd zorg A. Buchinhoren van de sociale dienst”.

De wachttijd hangt niet alleen samen met de stijgende vraag maar ook met personeelstekort. “Via een recente wervingsactie hebben we vier nieuwe mensen erbij gekregen, maar er staan nog steeds drie tot vier vacatures open, Misschien is er minder animo omdat het soms teleurstellend werk is met geringe slagingspercentages.’’

Grotere bekendheid met het verschijnsel schuldhulpverlening leidt tot stijging van de vraag. Ook speelt een rol dat het als minder beladen lijkt te worden ervaren om een beroep op schuldhulpverlening te doen (“als de bank de hand ophoudt voor miljardensteun van de staat, mag de staat voor mij ook wel wat doen, als ik schulden heb”).

Het is nader onderzoek waard of het lage slagingspercentage een rol speelt bij het werven van personeel. Dit geluid is bij mijn weten nog niet eerder aan de orde gesteld. Daaraan kan worden gekoppeld hoe groot het slagingspercentage in Dordrecht is en op welke wijze dat wordt gemeten.

De te verwachten extra toeloop op schuldhulpverlening is waarschijnlijk nog niet verdisconteerd in de toename per heden. Tegelijkertijd zal de gemeente Dordrecht vermoedelijk te maken krijgen met minder inkomsten uit bijvoorbeeld bouwleges en meer kosten in de vorm van bijzondere bijstand. Dan heb ik het nog niet eens over de gevolgen van eventuele invoering van certificering. Hoe zal de toestand in Dordrecht over zes maanden zijn?

Zie ook reactie Gemeente Dordrecht op wachtlijst schuldhulp

maandag 12 januari 2009

Cash Converter: meer klanten uit midden-groepen

De Telegraaf haalt zojuist Metro aan, waarin vandaag melding wordt gemaakt van een interview met de directeur van Cash Converter die aangeeft, dat er meer roerende zaken worden aangeboden “uit de middenklasse. Mensen ruilen laptops, juwelen en mobiele telefoons tijdelijk in voor contant geld”.

Cash Converter behoort tot de marktpartijen die een zeer hoge rente rekent voor kort lopend krediet. Dit is ook politiek en bestuurlijk onderkend. In de inmiddels beroemde regie-brief van toenmalig staatssecretaris Aboutalen en Minister Bos van 19 oktober 2008 is dit probleem gesignaleerd. In de vervolgbrief over kreditering en schulden van 1 februari 2009 is aangegeven, dat de bedoeling was in 2010 een nieuwe Pandhuiswet voor te leggen, waarna helaas bij het algemeen overleg op 11 november 2008 door Minister Bos werd gemeld dat als gevolg van de kredietcrisis hierin vertraging was ontstaan.

Er zijn in Amsterdam en in Den Haag gemeentelijke krediethuizen die aanmerkelijk lagere tarieven hanteren en waarbij in ieder geval in Den Haag er sprake is geweest naar uitbreiding van de mogelijkheid ook andere zaken dan goud en sieraden te belenen, zie mijn bijdrage van 15 januari 2008 “Uitbreiding dienstverlening pandhuis gemeente Den Haag”.

De urgentie van nieuwe wetgeving wordt mijns inziens hoger door het geluid dat nu uit de pers klinkt via Metro en de Telegraaf.

Dood na energie-afsluiting

Het Laatste Nieuws (HLN) – België meldt dat de afgelopen week in Hongarije minstens tien mensen zijn doodgevroren en voegt daar de volgende passage aan toe:

“Hongarije kampt al jaren met het probleem. Volgens schattingen van hulporganisaties komen elk jaar 300 tot 400 mensen om van de kou. Velen vriezen dood in hun eigen woning. In sommige gevallen spenderen de Hongaren de helft van het inkomen aan verwarmingskosten. De huidige winter is bovendien bijzonder streng. In Hongarije en Bulgarije worden dezer dagen temperaturen tot min 20 graden gemeten”.

Als het ondanks de klimaatverandering maar koud genoeg blijft in (delen van) Nederland, bestaat ook hier theoretisch deze mogelijkheid. De Regeling van de Minister van Economische Zaken van 29 november 2006, nr. WJZ 6101739 laat de mogelijkheid open dat in geval van fraude en gebrek aan actieve medewerking aan schuldhulpverlening ook in het winterseizoen af te sluiten en afgesloten te houden.

Als in Nederland daklozen met zekere aandrang van straat worden gehaald, omdat het koud wordt, rijst de vraag of de zorgvuldigheid ook met zich brengt dat woningen die bewoond zijn en afgesloten zijn van energie-levering door de gemeente worden benaderd en naar een oplossing wordt gezocht bijvoorbeeld door personen naar elders over te brengen dan wel betalingsverplichtingen beperkt over te nemen wellicht op pre pay-basis, zie weblog Eric Timmerman. Het is te overwegen dit als element te definiëren bij de toekomstige wettelijke zorgplicht.

Energiebedrijven geven voorgenomen afsluiting nu al door aan schuldhulpverlenende instanties met toepassing van artikel 6a van hoger genoemd besluit: “Indien een kleinverbruiker niet heeft gereageerd op het in artikel 5, tweede lid, onderdeel c, bedoelde aanbod verstrekt de netbeheerder of de vergunninghouder de contactgegevens van de kleinverbruiker, diens klantnummer en informatie over de hoogte van diens schuld aan een schuldbemiddelingsinstantie als bedoeld in artikel 48, eerste lid, van de Wet op het consumentenkrediet met het oog op een mogelijk aanbod tot schuldbemiddeling door die instantie aan de betrokken kleinverbruiker”. Mij is niet bekend of en zo ja met welke frequentie dit nu gebeurt. Een inventarisering lijkt gewenst.

De discussie is niet geheel theoretisch, omdat gegeven de economische situatie ook in Nederland niet is uitgesloten dat enerzijds energieprijzen verder stijgen terwijl de koopkracht van inkomens afneemt door hyperinflatie (die volgens velen volgt na de deflatie die nu in aankomst is). Hierdoor neemt de schuldenproblematiek toe.

Het is beter nu weloverwogen een en ander te bestuderen dan op het laatste moment in de opgeklopte atmosfeer van een spoeddebat, nadat de eerste doden zijn gevallen. Ook hier geldt: Bijna helpen = niet helpen.

vrijdag 9 januari 2009

Gemeenten krijgen minder geld

Binnenlands Bestuur heeft zojuist het volgende bericht:

De VNG voorspelt dat de groei van het gemeentefonds 300 miljoen euro lager uitvalt dan een half jaar geleden nog geraamd. Toen leken de gemeenten nog 400 miljoen extra te krijgen. Tegenover de dalende inkomsten staan hogere uitgaven, ­zoals voor de (bijzondere) ­bijstand, armoedebeleid en schuldhulpverlening.

Met de uitrol van de schuldhulpverlening nieuwe stijl en de naar verwachting kostbare certificering (met name de opleidingskosten) maakt dit de noodzaak des te dringender kritisch te reflecteren op de certificering, waarover op dit weblog de afgelopen maanden veelvuldig is geschreven.

Ondertussen is de Gemeente Nijkerk samen met de Stadsbank Midden Nederland bezig met de uitrol van de schuldhulpverlening nieuwe stijl, zo meldt de Stentor vandaag. Interessant is dat wordt gemeld dat de Gemeente Nijkerk na 2009 zal overgaan tot openbare aanbesteding. Hoe prijsvorming zich dan ontwikkelt en hoe per gemeente kosten en prestaties vergelijkbaar kunnen worden gemaakt bijvoorbeeld in het kader van benchmarking zijn kwestie die zowel voor de VNG als voor SZW relevant zijn. Misschien dat in het kader van de wettelijke zorgplicht voor gemeenten hiervoor een model kan worden ontwikkeld.

Dat anno 2009 de kosten voor schuldhulpverlening afgezet tegen de resultaten meer aandacht zullen gaan krijgen dan in het verleden het geval is geweest, is zeker.

donderdag 8 januari 2009

Rechtbank Amsterdam: geen toelating WSNP na verprutst moratorium

De Rechtbank Amsterdam heeft vandaag een boeiende uitspraak gepubliceerd over de toestand aan het einde van een moratorium. Het vonnis is gewezen op 2 december 2008. Het kenmerk is: BG9183,

De debiteur had zich gedurende het moratorium van zes maanden niet gehouden aan afspraken met de schuldhulpverlening en het maatschappelijk werk, ook was twee maal de huur niet betaald. Overeenkomstig de voorwaarden van het moratorium was hierover door de schuldhulpverlener verslag uit gebracht aan de Rechtbank.

De debiteur wilde dat er zou worden beslist op zijn verzoek tot de Wsnp te worden toegelaten. De Rechtbank besloot dat af te wijzen, gegeven het gedrag van de debiteur tijdens het moratorium waarmee hij niet aannemelijk heeft gemaakt de uit de schuldsaneringsregeling voortvloeiende verplichtingen naar behoren te zullen voldoen.

Bij mijn weten is dit het eerst gepubliceerde vonnis betreffende toelating Wsnp na verstrijken van het moratorium. De afloop was tamelijk voorspelbaar gegeven het gebrek aan activiteit van de debiteur tijdens het moratorium. Het is daarom erg onverstandig dat de debiteur toch wilde dat zou worden beslist op het verzoek om toelating tot de Wsnp. Hij had beter het risico kunnen nemen, dat hij bijvoorbeeld zou worden ontruimd (als het moratorium daarvoor tenminste bedoeld was, hetgeen de uitspraak niet vermeldt) en daarna zijn zaken op orde kunnen brengen zodanig dat een toelatingsverzoek kansrijk(er) was dan er voor te kiezen direct na een verprutste moratoriumperiode de Rechtbank te verzoeken tot de Wsnp te worden toegelaten.. Na 1 januari 2008 is het immers aan de debiteur te bewijzen dat sprake is van een “positieve saneringsgezindheid”. Daarvan maken onder meer maar beslist niet uitsluitend deel uit:
- lopende termijnen huur en energie voldoen;
- afspraken met hulpverlening nakomen;
- voldoende inlichtingen verstrekken.

woensdag 7 januari 2009

Financieel analfabetisme in Nederland

Op 9 januari 2009 promoveert de heer Maarten de Rooij aan de Universiteit van Utrecht op het proefschrift “Financieel alfabetisme, pensioenvoorzieningen en beleggingsgedrag van gezinnen: Vier empirische bijdragen”.

Uit het onderzoek komt naar voren dat Nederlanders enerzijds steeds meer kennis nodig hebben op het terrein van pensioen, sparen en beleggen terwijl zij anderzijds over die kennis niet beschikken.

De Rooij beveelt aan dat niet alleen betere educatie plaatsvindt, maar ook meer duidelijkheid en transparantie wordt gegeven in bijvoorbeeld de regelgeving.

Wat mij vaak opvalt is dat debiteuren bij aangaan van een persoonlijke lening geen inzicht hebben in de verhouding tussen terug te betalen hoofdsom plus rente in vergelijking met de hoofdsom. Daar geldt met recht: the poor pay more.

Zie persbericht Universiteit van Utrecht.

Kamervragen over afsluiting energie in de winter

Op 30 december 2008 hebben de PvdA Kamerleden Samsom en Spekman aan de Minister van Economische Zaken vragen gesteld over afsluiting van gas en stroom in de winter.

Ik citeer de eerste drie:

1 Bent u op de hoogte van het verbod op afsluiting van gas en stroom in de winter, dat wil zeggen in de periode tussen 1 oktober en 1 april, zoals neergelegd in art. 95b van de
Elektriciteitswet en art. 44 van de Gaswet?


Mijn prognose van het antwoord: ja

2 Is het waar dat energiebedrijf Eneco zich hieraan niet houdt, maar slechts afsluiting opschort als de temperatuur langer dan 24 uur beneden de nul graden blijft?

Mijn prognose van het antwoord: niet waar.

3 Is het waar dat met Eneco niet of nauwelijks te onderhandelen valt over een regeling in het kader van schuldsanering? Is het waar dat slechts via een kort geding een serieus gesprek met Eneco mogelijk is?

Mijn prognose van het antwoord: niet waar, er is een NVVK convenant, gesloten in mei 2007

Het zou mij benieuwen te vernemen wat de achtergrond is van deze vragen. Op rechtspraak.nl heb ik in de periode na 1 december 2008 geen kort geding uitspraak kunnen vinden tegen ENECO over afsluiting energie.

Het nummer van de Kamervragen is 2080908740.

Kardinaal Murphy O'Connor verklaart kapitalisme dood

Kardinaal Cormac Murpy O’Connor heeft gisteren gemeend het kapitalisme dood te moeten verklaren in een toespraak tijdens een charity diner in het prestigieuze hotel Claridges in Mayfair (Londen), gegeven voor bovengemiddeld gefortuneerde Rooms Katholieken bij de aftrap voor een geldinzameling voor de activiteiten van de bisschoppen van Engeland en Wales en de restauratie van de Westminster Cathedral, waarbij het de bedoeling is totaal elf miljoen BP in te zamelen, zie artikel Telegraph 6 januari 2009.

In de visie van O’Connor betekende de val van de muur in Berlijn in 1989 de dood van het communisme en de credit crunch in 2008 de dood van het kapitalisme. Deze opvatting lijkt macro-economisch nogal betwistbaar, wanneer tenminste kapitalisme wordt gedefinieerd als economisch stelsel waarbij sprake is een organisatie van productiemiddelen (in particuliere eigendom) en arbeid, die streeft naar winst binnen een vrije markt, waarin vraag en aanbod de prijs bepalen en de consument vrij is om te kiezen.

Tegen de stelling dat het kapitalisme in 2008 zijn dood heeft gevonden, zou macro-economisch het nodige ingebracht kunnen worden, bijvoorbeeld dat:
- ook na de crash van 1929 uiteindelijk de koersen weer opkrabbelden;
- de reële economie wel verbonden is met maar niet identiek is aan de beurskoersen;
- in het kader van lange termijn macro economische theorieën van bijvoorbeeld Kondratieff een hevige recessie / depressie past in de cyclus en impuls is naar sanering, waarmee de crisis juist het bewijs is van het zelfsanerende vermogen van het kapitalisme op de lange termijn.

Vraag is echter of de spoedig vertrekkende eminentie over dergelijke mineure details heeft nagedacht. De paus heeft in ieder geval de afgelopen maanden geen uitspraken gedaan die tenderen in de richting van de dood van het kapitalisme en ook overigens zijn hiervoor bij mijn weten geen kerkelijke vindplaatsen te duiden. Als het communisme dood is en het kapitalisme dood is, rijst trouwens de vraag welk economisch stelsel in de visie van kardinaal O’Connor overblijft, waarbinnen het principe van de sociale rechtvaardigheid tot zijn recht zou kunnen komen. Paus Johannes Paulus II die de gesel van het communisme kende, zou trouwens vermoedelijk niet erg enthousiast zijn over een uitlating waarbij communisme en kapitalisme als economische stelsels op een lijn werden gesteld. Kan het kapitalisme nog worden aangemerkt als het kleinste kwaad dat open is voor correctieven, het communisme is zeker groot kwaad, hetgeen alleen al wordt bevestigd doordat met iedereen die binnen een dergelijk systeem daarop critiek uitoefent, korte metten wordt gemaakt.

Wat zou deze abeunte kardinaal nu wel hebben kunnen bedoelen? De tekst is mogelijk enigszins uit de losse pols geweest, nu deze ook achteraf niet ter beschikking wordt gesteld. Het zou kunnen zijn dat is bedoeld dat de onbeperkte vrije markt werking kan leiden tot excessen waarbij winststreven van individuen ten koste gaat van andere individuen en ongebreideld consumentisme de regel is. Dat sluit meer aan bij de dogmatiek van de Kerk. Wat zegt de Catechismus? Paragraaf 2315. “De kerk heeft de totalitaire en atheïstische ideologieën afgewezen die in de nieuwe tijd met het "communisme" of het "socialisme" verbonden waren. Overigens heeft ze ook in de praktijk het "kapitalisme", het individualisme en de absolute voorrang van de vrije markteconomie op de arbeid, afgewezen. Wanneer men het economisch leven uitsluitend regelt volgens een gecentraliseerd plan, verstoort men ten diepste de maatschappelijke verhoudingen; wanneer men het uitsluitend regelt op basis van de vrije markt schiet men tekort in de sociale rechtvaardigheid, "want er zijn vele menselijke behoeften die niet door de vrije markt bevredigd kunnen worden". Men moet een verantwoorde regeling van de markteconomie en van de economische initiatieven aanbevelen volgens een juiste hiërarchie van waarden en met het oog op het algemeen welzijn”.

Het compendium van de sociale leer van de Kerk verbijzondert deze passage in paragraaf 349: Hoewel zij de markt als een onvervangbaar instrument voor de regulering van de interne werking van het economisch systeem erkent, benadrukt de sociale leer van de Kerk dat de vrije markt stevig verankerd moet blijven in zijn ethische objectieven, die de ruimte waarin hij autonoom kan handelen, vrijwaren en adequaat omschrijven[1]. De mening dat men alleen aan de markt de taak kan toevertrouwen om in elke categorie van goederen te voorzien, kan niet worden gedeeld omdat dit gebaseerd is op een reductionistische visie op de persoon en de maatschappij[2]. Tegenover het "risico van een 'idolatrie' van de markt", onderstreept de sociale leer van de Kerk de limieten van de vrije markt, die gemakkelijk zichtbaar worden in zijn bewezen onvermogen om te voorzien in belangrijke menselijke behoeften, die goederen vereisen die "door hun natuur geen simpele koopwaar zijn en mogen zijn"[3], goederen die niet kunnen worden verkocht en gekocht volgens de regel van de "uitwisseling van equivalenten" en de logica van het contract, die typisch zijn voor de markt”.

Met andere woorden, wel kapitalisme in de zin van particuliere eigendom van productiemiddelen, winststreven en marktwerking, maar niet als monocultuur. Het economisch systeem staat binnen een ethiek waarin ook andere niet op geld waardeerbare waarden een rol spelen; er is sprake van een sociale markteconomie. Terug naar het compendium van de sociale leer van de Kerk, paragraaf 348: Een echt concurrentiële markt is een doeltreffend instrument voor de realisatie van belangrijke doelstellingen inzake rechtvaardigheid: het matigen van buitensporige winsten van individuele bedrijven; het beantwoorden aan de eisen van de consumenten; het realiseren van een meer efficiënte aanwending en besparing van hulpbronnen; het belonen van ondernemingszin en vernieuwing; het beschikbaar stellen van informatie zodat het mogelijk wordt om producten te vergelijken en te verwerven in een sfeer van gezonde concurrentie. De vrije markt kan niet worden beoordeeld los van de doelstellingen die hij nastreeft en van de waarden die hij op het sociale vlak doorgeeft. De markt vindt inderdaad niet in zichzelf het principe van zijn eigen legitimatie. Het komt toe aan het individuele geweten en aan de publieke verantwoordelijkheid om te zorgen voor een juiste relatie tussen doelen en middelen. De individuele winst van een economische onderneming, hoewel legitiem, mag nooit het enige doel worden. Naast de individuele winst bestaat er een ander even fundamenteel maar superieur doel, met name dat van het sociale nut, dat niet in tegenstelling maar in overeenstemming met de logica van de markt moet worden gerealiseerd. Wanneer de vrije markt de hierboven vernoemde belangrijke functies vervult, wordt hij een dienst aan het algemeen welzijn en de integrale ontwikkeling van de mens. De omkering van de relatie tussen middelen en doelstellingen kan echter de vrije markt doen degenereren tot een onmenselijke en vervreemdende instelling met oncontroleerbare gevolgen.

Niet alleen kardinaal O’Connor deed naar aanleiding van de huidige economische crisis ongelukkige uitlatingen. Dat deed bijvoorbeeld Mgr. Eijk ook in zijn Adventsbrief, waarin op pagina 5 een passage figureert, die tenminste kan worden geduid als wel erg kort door de bocht: “Bovendien weten we dat deze crisis zijn oorzaak vindt in de hebzucht van mensen die omwille van de winst hun medemensen met hypotheken opzadelden van wie zij wisten dat die ze onmogelijk konden afbetalen”. De crisis vindt niet alleen zijn oorzaak in de aanbieders die het geld uitleenden, maar ook bij degenen die met die hypotheken huizen kochten waarvan zij wisten dat zij die niet konden betalen ("the homeownership obsession") en waarbij zij naïef uitgingen van de gedachte dat de waardestijging van woningen zou voortduren tot in eeuwigheid. Ook degenen die in hoog tempo geld uitgaven dat zij nog niet hadden verdiend om tegemoet te komen aan hun mateloze consumptieve behoeften, droegen in belangrijke mate bij aan de credit crunch: "None of this would have happened if millions of Americans hadn't come to believe they could get something for nothing by taking on debts they couldn't repay", Time 120109, p, 17. Daar komt nog bij dat nationale overheden niet in staat bleken om te komen tot adequaat toezicht en adequate handhaving op de steeds verder globaliserende financiële markt van complexe producten die deels ook nog off balance werden gehouden. De crisis is de tol die een samenleving betaalt als jarenlang is geleefd op basis van de veronderstelling dat steeds meer consumeren het ultieme existentiële doel is.

Rondom Kerstmis heeft een aantal Anglicaanse bisschoppen aangegeven dat onder het Labour-regime van de afgelopen jaren de armen er niet op vooruit waren gegaan, waarbij het immoreel is om ter versterking van de economie vervolgens de armen te stimuleren tot bestedingen, eventueel met geleend geld. Dergelijke uitlatingen dragen meer bij aan herstel van gezonde, dat wil zeggen ethische verantwoorde economische betrekkingen dan het dood verklaren van het kapitalisme en het leggen van simplistische mono-causale verbanden met betrekking tot de huidige economische situatie.

[1] 1 Vgl. Paus Paulus VI, Apostolische Brief, Aan Maurice Kardinaal Roy, bij gelegenheid van de 80ste verjaardag van Rerum Novarum, Octogesima Adveniens (14 mei 1971), 41.
[2] Vgl. Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991),
[3] Paus Johannes Paulus II, Encycliek, Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van de encycliek Rerum novarum, Centesimus Annus (1 mei 1991

dinsdag 6 januari 2009

In de schulden, hond eruit!

Het Dierenasiel Breda meldt dat toenemend huisdieren worden weggedaan in verband met financiële problemen. Dat wordt althans als reden opgegeven door degenen die hun huisdier wegbrengen naar het asiel. Andere redenen zijn: ziekte, geen tijd, niet leuk meer, mag niet in verzorgingstehuis.

"De medewerkers van het asiel maken zich grote zorgen over het gemak waarmee mensen vaak afstand doen van hun huisdier. We horen nog steeds - en wat ons betreft te vaak - dat mensen hun huisdier wegdoen omdat het bijvoorbeeld niet past bij de kleur van het nieuwe bankstel. Het dier lijkt vaak meer op een gebruiksvoorwerp dan op een levend wezen".

De wijsheid van A. de Saint Exupéry in “Le Petit Prince”: "Tu deviens responsable pour toujours de ce que tu as apprivoisé” heeft kennelijk in Nederland nog onvoldoende ingang gevonden en dat is niet alleen jammer, maar toch ook wel heel erg onbeschaafd.

maandag 5 januari 2009

Brief zorgplicht uitgesteld tot eind januari 2008

Brief staatssecretaris J. Klijnsma (SZW) aan de Tweede Kamer van 30 december 2008:

In vervolg op de brief van 15 september jl. (Kamerstukken II 2008/2009 24 515, nr. 140) informeer ik u dat ik u, de nog voor dit jaar toegezegde startnotitie over het wettelijke kader minnelijke schuldhulpverlening, in januari 2009 zal toesturen.

Vol verwachting klopt ons hart!

Zakken vullen ten koste van mensen in betalingsproblemen


Het Laatste Nieuws (Vlaanderen) meldt, dat de Orde van Advocaten in Brugge aan het tuchtcollege in Gent gevraagd heeft om een Brugse advocaat te royeren wegens ernstige beroepsfouten. De advocaat heeft gelden van personen die in de collectieve schuldenregeling waren voor zichzelf gebruikt. Het zou gaan om een bedrag van EURO 100.000,--.

Tegen de advocaat loopt een strafzaak. Dat kennen wij in Nederland ook bijvoorbeeld in het geval van de Stichting Schuldenvrij Leven.

Opmerkelijk is dat het bericht vermeldt dat alle schade aan de benadeelden is vergoed door de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van de advocaat. Dat kennen wij – bij mijn weten- in Nederland niet.

Interessante vraag is of door de beroepsgenoten op het terrein van de schuldhulpverlening die als zodanig zijn toegelaten, niet collectief het risico moet worden gedragen of verzekerd dat in geval van fraude de schade aan de benadeelden wordt vergoed.

Certificering van schuldhulpverlening in enigerlei vorm biedt bescherming maar geen garantie voor de kwaliteit van de schuldhulpverlening. Toetsing van moraliteit geschiedt in de financiële wereld onder meer door het vragen van een verklaring van goed gedrag en analyse van het c.v. met opgave van referenties door eerdere werkgevers. Ook dat is geen garantie+ aangenomen moet worden dat een dergelijke toetsing in dit geval bij toelating tot de balie heeft plaats gevonden. Aangezien gelegenheid de dief maakt zijn dan nog procedure waarborgen denkbaar door toepassing van het vier ogen principe.

Dr. I.P. van Rossen schreef over dit onderwerp een lezenswaardig artikel, dat is verschenen in de september editie van de digitale nieuwsbrief van Modus Vivendi.

zondag 4 januari 2009

Enkele gedachten over de trends schuldenproblematiek in 2009

Was 2008 een jaar van geleidelijke, maar vanaf het vierde kwartaal versnellende neergang, 2009 wordt een jaar van structurele, ernstige economische terugloop. Dit zal direct gevolgen hebben voor de aard en omvang van de schuldenproblematiek in Nederland. Wij leven niet op een eiland en wat er elders met name in de VS gebeurt, heeft zijn effecten op de economische situatie in Nederland. Ik kondigde dat reeds aan op 17 januari 2008 in mijn bijdrage “Read my lips: no recession”, in een periode dat premier Balkenende en vice-premier Bos nog hardnekkig volhielden dat er in Nederland geen recessie te verwachten was. Hun uitlatingen ten spijt nam de economische globalisering alleen maar verder toe. Op dit moment staat in Nederland een crisis op uitbreken waarbij ondernemingen met verbazing constateren dat hun order-portefeuille praktisch leeg is en zullen moeten besluiten tot reorganisatie, zodra er geen spek meer op de botten is om de recessie uit te zingen, die kort en hevig, maar ook lang en hevig zou kunnen zijn (zie het hoofdartikel van de economische bijlage van NRC-H van 3 januari 2009).

Er zijn signalen dat de consument minder snel geneigd is om geld uit te geven. Het ING Economisch Bureau bericht volgens Trouw, dat mensen geld willen besparen onder meer door minder geld uit te geven aan goede doelen (!). Besparing is ook het gevolg van niet meer roken en minder eten. Tenslotte is besparen een kunst, die onder meer door Mevrouw Marieke Henselmans wordt gepropageerd in vele boeken en andere publicaties. Over haar verdienstelijke activiteiten schreef ik al eerder in mijn bijdrage `Consumeren maakt niet gelukkig`. Er zijn nog geen signalen dat de spaarzin gepaard gaat met meer oog voor immateriële waarden, maar wat niet is kan nog komen zo al niet uit “het oude Europa” dan wel uit andere gebieden.

Het wordt voor de consument ook moeilijker om geld uit te geven dat hij niet heeft. Dat komt doordat de VFN Gedragscode in 2008 is aangescherpt, zie onder meer mijn bedrage ´Minder krediet voor minder draagkrachten`. Het komt ook doordat de algemene bereidheid van banken geld uit te lenen is afgenomen door de kredietcrisis. Er wordt sinds oktober 2008 in Nederland en daarbuiten anders gedacht over restitutierisico en dat is een goede ontwikkeling. Gevolg van de verminderde bestedingsbereidheid en bestedingspotentie zal zijn vraaguitval aan de zijde van de consument, die zal leiden tot terugloop van de productie en daarmee gepaard gaande aanpassingen van het aanbod bijvoorbeeld in de detailhandel. Het wordt weer normaal te leven van wat je verdient en niet van wat je in de komende tien jaar hoopt te verdienen. Daarbij zal er meer zorg en toezicht komen, dat de bank aan wie het spaargeld is toevertrouwd daar zorgvuldig mee omgaat. Na de Mifid-richtlijn en de het accoord Basel II zullen er internationaal nadere richtlijnen en accoorden komen om de transparantie en stabiliteit van de financiële markt te verbeteren. Bakas en Peverelli achten in hun interessante boek The Future of Finance het positiefste scenario van de mondiale economische ontwikkeling het meest waarschijnlijke. Dat moeten we wel hopen, want anders dreigt de economie stil te vallen, zoals we nu al zien gebeuren met de huizenhandel.

Overheidsmaatregelen die erop gericht zijn de bestedingen aan te moedigen bijvoorbeeld door spaarloon daartoe eerder vrij te geven zijn, zijn in mijn visie niet wenselijk. Als het consumptieve aanbod stelselmatig al jaren op een te hoog niveau ligt is het beter dat het aanbod zich aanpast naar de inkomsten dan dat de vraag wordt gestimuleerd door de bevolking aan te moedigen tot consumeren, terwijl wij jaren het tegendeel als ideaal hebben uitgedragen om verdere verschulding te voorkomen. Enkele Anglicaanse bisschoppen in het Verenigd Koninkrijk hebben tegen dit verschijnsel recent terecht geprotesteerd en gewaarschuwd tegen het aanmoedigen van schulden maken door de overheid (“addiction to debt”).

De debiteuren die zelf poogden door het aangaan van een nieuwe lening hun oude schulden op te lossen, zullen dat minder snel kunnen en daardoor vermoedelijk eerder een beroep doen op schuldhulp verlenende instanties. Dat is ook een goede ontwikkeling aangezien schuldenregeling op eigen houtje niet zelden betekent dat het ene gat met het andere wordt gevuld. Schuldenregeling moet integraal zijn zowel voor alle schulden als voor alle factoren die hebben geleid tot het ontstaan van de schulden.

In de VS wordt een vervolgcrisis voorzien voor betalingsachterstanden op credit cards. Dit verschijnsel zal zich in Nederland in mindere mate voordoen aangezien de credit card hier minder ingeburgerd is dan in de VS. Preventieve werking zal ook kunnen uitgaan van het LIS dat in 2009 operationeel moet worden, zie mijn bijdrage “LIS komt stapje dichterbij”. Op 23 december 2008 werd ook het wetsvoorstel wijziging GBA door de Eerste Kamer aangenomen, waarbij een wettelijke basis wordt gelegd voor het verstrekken van gegevens uit de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (GBA) aan bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen instellingen voor schulden- en kredietregistratie met als doelstelling het voorkomen van overkreditering dan wel problematische schuldsituaties bij natuurlijke personen. Invoering daarvan mag op korte termijn worden verwacht. De Stichting Netwerk Gerechtsdeurwaarders kan elektronisch bij UWV, SVB, IB Groep of het ABP navragen of iemand met een schuld een werkgever heeft en waar die is gevestigd. De bereidheid privacy (van anderen) te offeren om schulden te voorkomen en te incasseren, is er zeker niet minder op geworden.

Ook op de hypotheekmarkt is sprake van een vermindering van de bereidheid aan de zijde van de aanbieders om risico te nemen. De AFM is bezig met een onderzoek of hypotheekverstrekkers zich houden aan de Gedragscode Hypotheken. Aangenomen mag worden dat het conformisme na oktober 2008 niet alleen sterk is toegenomen maar niet zelden zelfs strenger zal zijn dan de gedragscode aanhoudt. De voorzitter van de AFM Hoogervorst liet zich al eerder kritisch uit over de frequentie van aflossingsvrije hypotheken. Er zijn voorts onder meer door RBS in Nederland hypotheken verstrekt die de vraag opriepen in hoeverre de subprime problematiek ook in Nederland dreigt. In voorkomende gevallen dient in mijn visie overeenkomstig het principe de vervuiler betaalt de hypothecaire geldschieter zijn verantwoordelijkheid te nemen voor een te lichtvaardig verstrekte hypotheek waarbij de straf erin bestaat dat verhoging van de initieel te lage rente niet wordt toegestaan. CDA Tweede Kamerlid Blanksma heeft hiervoor eerder ook gepleit.

Werkloosheid zal leiden tot inkomensdaling. Onvoldoende geld zal ook leiden tot relationele spanningen. Het aantal debiteuren dat er daardoor zelf niet in slaagt de huishoudfinanciën in evenwicht te houden neemt daardoor toe. Moet dan de eigen woning worden verkocht dan zal er vaker een forse restschuld overblijven wegens daling van de woningprijzen. Toenemend zal het ook nodig zijn natuurlijke personen structureel te helpen bij het beheren van hun geld omdat zij daartoe niet in staat zijn; boek 1 beschermingbewind zal vaker voorkomen, ook omdat in onze samenleving verminderd sprake is van mantelzorgers die hierbij behulpzaam zijn. Het toezicht op de professionele boek 1-bewindvoerders zal toenemen: van harte onderschrijf ik het idee van Jacques van Rossen onder meer geuit op ons symposium “Help! mijn klant heeft schulden” om daarvoor een structuur op te zetten analoog aan die van de bewindvoering WSNP en onder sturing en toezicht van het bureau WSNP. Overigens is niet uit te sluiten dat verbanden als familie en gezin als lapidaire eenheden van onze samenleving de komende jaren in betekenis zullen toenemen, naarmate er elders minder vanzelfsprekende substitutie in de vorm van door de overheid gefinancierde hulpverlening te vinden is. De toename van dergelijke “solidariteit in eigen kring” is een goede ontwikkeling, aangezien het gezin de hoeksteen van de samenleving is en behoort te zijn. De R.K. Kerk heeft daar de afgelopen eeuwen en zeker in de afgelopen decennia veelvuldig en terecht op gewezen. Paus Benedictus XVI deed dat recent nog eens in zijn homilie op nieuwjaarsdag. Ook de R.K. Kerk in Nederland zou toenemend initiator moeten zijn van concrete plannen die ertoe strekken degenen die in armoede leven het leven dragelijker te maken. Altijd ben ik het oneens geweest met de stelling dat “de voedselbanken moeten verdwijnen”: voedselbanken zijn een vorm van klassieke caritas die geen bewijs zijn van tekortschieten van de overheidsvoorzieningen maar van de onbaatzuchtigheid van velen om degenen die het minder en zelfs niet genoeg hebben een beetje te helpen van dag tot dag naar het einde van de maand te leven.

Algemeen geldt dat crediteuren zich meer zorgen maken over verhaalbaarheid van vorderingen en dus eerder zullen besluiten een vordering uit handen te geven en daarbij over te gaan tot verder gaande incasso instrumenten inclusief ontruiming, afsluiting van energielevering en beslag. Daarnaast komt er een wijziging in de incasso van achterstanden premie zorgverzekering. Zie mijn bijdrage Wanbetalers premie zorgverzekering opgepast. Ook de belastingdienst zet steeds verder gaande maatregelen in onder meer door het afromen van bankrekeningen, zie mijn bijdrage Belastingdienst en NVB ontwikkelen nieuw instrument belastinginning. Regulering op het terrein van de buitengerechtelijke incassokosten is spoedig te verwachten, als de Minister van Justitie de hem door de vaste kamercommisie SZW afgedwongen toezegging van 11 november 2008 nakomt. Is in de deurwaarderswereld hopelijk weer sprake van een groeiend besef van de ethiek van de incassopraktijk, daarnaast bestaat een veelheid aan incasso-ondernemingen waarvan sommigen zijn verenigd in de NVIO. Op het incassoterrein voorzie ik een onbalans die onder meer zou kunnen worden hersteld door invoering van het zogenaamde verbrede moratorium, zoals onder meer door Nadja Jungmann bepleit in het SZW-rapport “Schulden. De gemeente helpt”. Artikel 287b Fw biedt in zijn huidige redactie geen mogelijkheid om beslag en executoriale verkoop op te schorten.

Aan de zijde van de Gemeente is mogelijk sprake van ontwikkelingen waardoor minder geld beschikbaar is. Daarbij is te denken aan verminderde opbrengst WOZ en dalende opbrengst leges bouwvergunningen wegens terugloop van de nieuwbouw. Gemeenten zullen daardoor vaker gaan besparen op de schuldhulpverlening dan wel wegen zoeken om de effectiviteit van de schuldhulpverlening transparant te maken en goed te monitoren. Dit zal ook worden bevorderd door de invoering van de wettelijke zorgplicht waarover begin dit jaar een beleidsdocument van SZW mag worden verwacht. De zorgplicht zal voorzien in kwalitatieve parameters wat schuldhulpverlening minimaal moet inhouden inclusief termijnen voor wachttijd en doorlooptijd. Dit legt op de schuldhulpverlening meer prestatiedruk maar dat is een gezond verschijnsel dat in de grote mensen-wereld elders algemeen gangbaar is. Mogelijk is een effect dat gemeenten eerder ertoe besluiten schuldhulpverlening onder te brengen in grotere samenwerkingsverbanden of geprivatiseerd door derden te laten uitvoeren middels openbare aanbesteding.

Vermijdbare tegenslag voor de schuldhulpverlening is de wijze waarop de NEN norm tot stand is gekomen waarbij door de auteurs a priori een voorzienbare en vermijdbare bom onder de aanvaardbaarheid van de norm is gelegd wegens opzettelijke afwijking van de regel dat de draagkracht over 36 maanden het uitgangspunt is (waarbij het geen kwestie van `flexibiliteit en maatwerk` is om mensen met meer inkomen langer te laten betalen maar onvermogen om weerstand te bieden tegen onterechte verlangens van bepaalde crediteuren. Was dit element al aanwezig toen de norm ter visie werd gelegd en zou het geen kijkgeld van EURO 150,00 hebben gekost voor belangstellenden om te weten wat er in de norm staat, dan had mogelijk deze dwaling voorkomen kunnen worden. Vraag rijst voorts of voldoende financieel onderzoek heeft plaats gevonden naar de kosten van de certificering waarbij het onder meer zo schijnt te zijn dat iedere schuldhulpverlener periodiek toelatingsexamen moet doen in plaats van zijn registratie op peil te houden door permanente beroepsopleiding. De schuldhulpverleners gaan hierdoor een turbulent jaar tegemoet.

Het wettelijk traject zal mogelijk complementaire opvang kunnen bieden aan debiteuren die alleen tegen meerprijs in het minnelijk traject geholpen kunnen worden. De wetswijziging in 2008 heeft geleid tot een substantiële daling van het aantal personen dat tot de WSNP wordt toegelaten. Binnen de rechterlijke macht is dus zeker enige capaciteit om de buitenwettelijke praktijken in het minnelijk traject te gaan bestrijden. De rechter fungeert wel vaker als achtervanger, wanneer andere maatschappelijke instanties het laten afweten. Veel beter zou het natuurlijk zijn als het minnelijk traject zelf tot de conclusie kwam dat een grote vergissing is gemaakt bij de NEN norm door buiten de opdracht te gaan en de bijlage C over de verlenging van de looptijd te schrappen. Denkbaar is ook nog, dat de HKZ-norm tot aanvaardbaar alternatief wordt, waarover Martijn Schut recent op zijn weblog schreef.

Resumerend: we gaan weer een interessant jaar tegemoet waarin over schulden en schuldhulpverlening veel te zeggen is en zeker ook gezegd zal worden, onder meer op dit weblog: Observatrix.blogspot.com en interactief ook op het platform Linkedin Schuldhulpverlening, waaraan ik ook mijn steentje hoop te kunnen bijdragen en ook de lezers dezes hierbij nogmaals uitnodig dat te gaan doen.

Naschrift.
Dit artikel wordt de inleiding van mijn boek "Kroniek Schuldenproblematiek 2009" waarin vooral aan de hand van de bijdragen op dit weblog gestructureerd in kaart zal worden gebracht welke ontwikkelingen zich op dit terrein hebben voorgedaan. Het boek zal omstreeks april 2009 verschijnen en in eigen beheer worden uitgegeven door de deze maand op te richten Stichting Observatrix. Vrijblijvende voorintekening is mogelijk via schruer@schruer.nl. Verkoopprijs geschat EURO 14,00 plus eventuele verzendkosten.

Ook bestaat het voornemen dat de Stichting Observatrix onder dezelfde condities voor het eerst eind 2009 een "Kroniek R.K. Kerkprovincie Nederland c.a." uit gaat geven. Ook hierop is reeds vrijblijvende voorintekening mogelijk.

donderdag 1 januari 2009

Jaarverslag Observatrix 2008

In 2008 hebben 27.473 personen dit weblog bezocht. Zij waren afkomstig uit 52 landen waaronder (naast Nederland) veelvuldig België, Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Italië / Vaticaanstad en de VS. De bezoekers bekeken 52.913 pagina’s.

In het vierde kwartaal 2008 waren er 10.660 bezoekers, in het eerste kwartaal 4005. Dat is een stijging van 166%.

Veelvuldig waren er -altijd zeer gewaardeerde contacten- met lezers die door hun commentaar hebben bijgedragen aan de inhoud van dit weblog.

De meest gelezen bijdragen zijn geweest:
1. Grote onduidelijkheid over de WSNP
2. De steppe zal bloeien
3. Nieuwe Recofa-richtlijnen gepubliceerd door bureau WSNP
4. Gedwongen executie woningen leidt tot kapitaalvernietiging ten nadele van de hypotheekdebiteur
5. Waar blijft het wettelijk geregeld uniform tarief buitengerechtelijke kosten
6. Dag Opperpiet, da-ag, da-ag. Luister naar ons afscheidslied.
7. Eerste uitspraak gedwongen medewerking gepubliceerd
8. RKK-Kruispunt op 19 oktober aanstaande
9. Sinselmeijer-rel rolt door
10. In lumine tuo videbimus lumen
11. Pater J. van Kilsdonk S.J. Enkele tegendraadse beschouwingen bij de dood van “een luis in de pels”
12. Bericht van slepende jacht op de Utrechtse successie
13. Met VSNP niet in de WSNP
14. Dumping in Den Bosch. Wie wordt de meest horkerige bisschop 2008
15. Geen moratorium voor de stabilisatiefase

Iedereen die op welke wijze heeft bijgedragen aan de activiteiten op dit weblog, ook door dat te lezen, wordt op deze plaats van harte bedankt!

Erica Schruer.

Rotterdam, 1 januari 2009.